Bloemendaal mist gouden stick Zeller

Het mannenhockey is weer spannend na de Duitse leegloop bij Bloemendaal. Die kostte tal van treffers, maar de landskampioen heeft voldoende kwaliteit over.

Taeke Taekema van Amsterdam verkeert in de vorm van zijn leven. Foto Deborah Roffel Fotografie Deborah Roffel Schrijver Rob Schoof Hockey Bloemendaal - Amsterdam -Heren 1 Roffel, Deborah

Voor de doorsnee hockeysupporter was de opluchting groot toen Bloemendaal dit voorjaar afscheid nam van drie Duitse topspelers. Ongenaakbaar was de ploeg naar de elfde landstitel gewandeld, met slechts één duel waarin punten werden verspeeld. Vooral de productie was indrukwekkend: 115 doelpunten in 22 wedstrijden, gemiddeld ruim vijf treffers per duel.

Dit jaar is de competitie veel spannender, bleek gisteren ook op ’t Kopje, waar koploper Amsterdam op bezoek kwam. Een half jaar geleden eindigde diezelfde confrontatie in een voor het Bloemendaal-van-vorig-seizoen typerende 7-3 zege voor de thuisclub. Gisteren was er evenwicht: 2-2.

Het grote verschil heeft in Bloemendaal een naam: Christopher Zeller, de Duitse spits die vorig seizoen met zijn stick dood en verderf zaaide op de Nederlandse velden. Zeller maakte in de reguliere competitie 47 doelpunten voor Bloemendaal voordat hij terugkeerde naar Duitsland. Inmiddels speelt hij daar voor Rot-Weiss Köln in de tweede klasse, samen met zijn broer Philipp en Tibor Weissenborn, de andere twee Duitsers bij Bloemendaal vorig seizoen.

Het verschil is merkbaar bij de landskampioen. Bloemendaal is ontegenzeggelijk verzwakt en verspeelde in zeven wedstrijden al zeven punten. Doelpunten zijn relatief schaars: het moyenne per wedstrijd daalde van vijf naar drie. De topscorers heten nu Ronald Brouwer en Laurence Docherty, de tot Nederlander genaturaliseerde Schot die overkwam van het gedegradeerde Klein Zwitserland.

Ondanks het vertrek van het Duitse smaldeel relativeert international Brouwer het verval van Bloemendaal, dat gisteren tegen Amsterdam de meeste aanspraak mocht maken op de zege. „Iedereen dacht dat het afgelopen zou zijn met ons toen Christopher wegging, maar dat is absoluut niet zo. Natuurlijk zijn we kwaliteit kwijtgeraakt en we missen zijn corner. Maar we zijn tevreden over ons spel, al wordt het dit seizoen spannender. Maar tegen Amsterdam hebben we onszelf tekortgedaan. Onze tegenstanders krijgen dit seizoen weinig kansen, maar ze scoren wel. Dat is frustrerend.”

Bloemendaal moest wel de speelwijze aanpassen. Brouwer: „We kunnen minder va banque spelen. Vorig seizoen gingen we steeds in de aanval, elke bal ging erin. De tegenstander scoorde ook wel eens vier of vijf keer. Maar we wisten dat we er zelf zeven, acht zouden maken. Dat is nu minder, maar we hebben nog steeds een topploeg, waarin jonge spelers een stap kunnen maken zoals Wouter Jolie, Tim Jenniskens, Ebi Kessing en Nicky Meyer.”

Met het vertrek van Zeller blijkt vooral het verzilveren van de strafcorner een probleem voor Bloemendaal. Vorige week kwam de ploeg tegen Kampong tot twee treffers uit tien pogingen, de week daarvoor was het nog minder: één treffer uit dertien corners.

Gisteren mocht Bloemendaal één keer aanleggen; international Wouter Jolie schoot direct raak. „Wouter heeft een supercorner, maar we halen er te weinig rendement uit”, vindt Brouwer.

Bloemendaal raakte in de zomer een gouden corner en een berg aan ervaring kwijt, bij Amsterdam voltrok zich een omgekeerde ontwikkeling. De ambitieuze club worstelde zich door het vorige seizoen heen, wekenlang zonder de geblesseerde strafcornerspecialist Taeke Taekema, waarna zelfs de play-offs te hoog gegrepen waren.

Inmiddels lacht het geluk de Amsterdammers weer toe. Taekema keerde na zijn voetblessure terug bij de EK voor landenteams, twee maanden geleden, en verkeert sindsdien in de vorm van zijn leven. Gisteren had hij maar één corner nodig voor zijn vijftiende treffer in zeven duels. Met een fitte Taekema is Amsterdam een belangrijke titelkandidaat.

Daarnaast versterkte Amsterdam zich met de Spaanse international Santi Freixa, een van de beste hockeyers ter wereld. Freixa kwam geblesseerd over van Terrassa, nadat hij in de lente tijdens het toernooi om de Europa Cup zijn meniscus brak.

Gisteren speelde hij op hetzelfde veld, en tegen dezelfde tegenstander, weer zijn eerste hele wedstrijd, en oogde hij wat stroef. „Ik wil graag in de sterkste competitie van de wereld spelen”, zegt Freixa. „Hier heb je elke week een zware wedstrijd, de tegenstand is zwaarder. Ik wil hier een completere hockeyer worden. En landskampioen – dat is een van de eerste Nederlandse woorden die ik leerde.”