Voordelen internet-ontmoetingen groter dan risico’s

De dingen die kinderen kunnen leren over de wereld en van elkaar via sociale vriendengroepen op internet, wegen ruimschoots op tegen de mogelijke gevaren die daar schuilen. Dat betoogt onderwijspsychologe Brendesha Tynes van de Universiteit van Illinois at Urbana-Champaign. Ouders moeten hun kinderen niet de toegang ontzeggen, maar hen leren hoe ze de gevaren kunnen ontwijken (Journal of Adolescent Research, november 2007).

Schoolkinderen ontmoeten elkaar op allerlei manieren op internet: ze kletsen via MSN of Skype, ze laten elkaar filmpjes zien op YouTube en maken profielen aan op vriendennetwerken als Hyves en FaceBook. Contact leggen gaat makkelijk, maar ruzie maken ook. En kwaadwillenden zoeken er naar prooien om hun seksuele verlangens op te botvieren. De meeste ouders willen hun kinderen graag beschermen tegen viezeriken en pestkoppen. Softwaregigant Microsoft speelt in op die behoefte en lanceert begin november software waarmee ouders in de gaten kunnen houden welke nieuwe vrienden zich bij hun kroost melden via MSN.

Het is de vraag of het helpt. Oudere kinderen vinden snel genoeg een omweg, of verhuizen naar een andere ontmoetingsplek. Bovendien blokkeert een verbod of te strenge controle de toegang tot zaken die belangrijk zijn voor een goede sociale ontwikkeling en kennisuitbreiding. En die zijn er in overvloed in de vriendennetwerken en discussiegroepen, volgens Tynes.

Kinderen chatten over hun huiswerk, discussiëren over van alles en nog wat, leren van elkaar andere gewoonten en culturen kennen, en vragen elkaar welke vakken of studie ze moeten kiezen. Daarbij kan iemand die geen bekende is van de online vriendengroep waardevolle informatie geven. Online netwerken helpt pubers bovendien bij het zoeken naar hun eigen identiteit, doordat ze in contact komen met mensen met verschillende gezichtspunten. Vrijer dan in het ‘echte’ leven discussiëren ze over rassenvraagstukken, en ze komen eerder kinderen uit een andere sociale groep tegen dan bijvoorbeeld op school, of op de sportclub. Ze geven elkaar steun en advies over emotionele problemen, over de ontwikkeling van hun lichaam, of over seks en wat daar bij komt kijken.

Tynes pleit ervoor kinderen te leren hoe ze zich veilig op internet kunnen bewegen. Ouders en leraren moeten met tieners praten, over de gevaren maar ook over eventuele problemen van het kind, zodat het niet zijn toevlucht zoekt bij vreemden op internet. Opvoeders moeten de kinderen ook leren hoe ze met hun naam en adresgegevens omgaan, en hoe ze hun programma’s zo moeten instellen dat ongewenste buitenstaanders zich niet zomaar kunnen melden. Tenslotte moeten kinderen weten hoe ze ongewenste contacten kunnen herkennen en weren, en waar ze hen kunnen aangeven. In Nederland kan dat op www.meldpuntcybercrime.nl.

Niki Korteweg