Rechttoe-rechtaan

The Hives: The Black And White Album(A&M)

Rockgroep The Hives uit Zweden heeft er een carrière van gemaakt om live net altijd twee of drie streepjes beter te zijn dan op de plaat. Zanger Howlin’ Pelle Almqvist is een showman van Mick Jagger/Iggy Pop-formaat die een doordenderende garagerockmachine aanvoert. Hun albums zijn geen doel op zich, maar staalkaarten van de belofte voor concerten waarbij het goed dansen, springen, meezingen, lachen en drinken is.

Na Barely Legal (1997), Veni Vidi Vicious (2000) en Tyrannosaurus Hives (2007) is The Black And White Album een relatief sobere titel voor een cd die weer net zo feestelijk, ruig en opzwepend is als de voorgaande. Het geheel is opgebouwd als een rockshow met een overrompelende entree. ‘Yeaaaahh!’ schreeuwt Almqvist en ‘Tick tick boom’ barst los, de eerste van een elftal spetterende schreeuwpunkrocksongs die maar één doel dienen: kom van je stoel en bekeer je tot de op en neer hossende feestbende die The Hives heet. Ze hebben veel gemeen met The Kaiser Chiefs, die het kunstje misschien wel van hun Zweedse vakbroeders afkeken. Dezelfde onmiddellijk memorabele refreinen, massaal door alle bandleden gescandeerde spreekkoren en een rockende, zichzelf voorbij hollende begeleiding die niettemin superstrak blijft. Met hulp van producers Jacknife Lee en Pharrell Williams verzorgt The Black And White Album zijn eigen pauzemuziek: het lullige orgeldeuntje ‘A stroll through Hive Manor corridors’, de kermisachtige pianodeun ‘Puppet on a string’ en de slome, Prince-achtige falsetfunk van ‘T.H.E.H.I.V.E.S’. Opzwepende rockers als ‘Well all right’ en ‘Return the favour’ zijn gesneden koek voor The Hives. Ze behoren tot hun beste rechttoe-rechtaansongs sinds hun nu al klassieke ‘Hate to say I told you so’. Een en al voorpret voor de concerten die komen gaan, voorlopig alleen op 29 november in Paradiso, maar deze vrolijkheid blijft op zijn minst overeind tot het volgende festivalseizoen.

JAN VOLLAARD