India verloor zijn wortel en dobberde daarna snel naar Azië

India heeft zich tientallen miljoenen jaren lang met recordsnelheid over het aardoppervlak kunnen bewegen. Dat komt doordat het lang geleden een groot stuk van zijn continentale wortel kwijtraakte. Die conclusie trekken Indiase en Duitse aardwetenschappers uit nieuwe seismografische metingen aan de dikte van de aardschollen onder Afrika, Australië, Antarctica en India. Deze continenten liggen op vier aardschollen die 130 miljoen jaar geleden ontstonden na het uiteenvallen van het supercontinent Gondwana (Nature, 18 oktober).

Sinds India losscheurde van Gondwana heeft het zich met een recordsnelheid van maximaal 20 centimeter per jaar naar het noordoosten bewogen. Het continent werd pas afgeremd toen het 50 miljoen jaar geleden tegen Azië opbotste; het begin van het ontstaan van de Himalaya. Tegenwoordig beweegt India met circa vijf centimeter per jaar nog naar het noordoosten.

De andere brokstukken van Gondwana bewogen de afgelopen 130 miljoen jaar veel langzamer over het aardoppervlak. Australië en Afrika dobberden rond met snelheden van twee tot vier centimeter per jaar, Antarctica lag vrijwel stil.

Prakash Kumar van het Geophysisch onderzoeksinstituut in Hyderabad (India) ontdekte dat de lithosfeer onder India veel dunner is dan onder Afrika, Azië en Australië. De lithosfeer bestaat uit de aardkorst en het bovenste deel van de aardmantel. Zij is verdeeld in circa twintig aardschollen die zich als een verschuivend mozaïek verplaatsen over de dieper gelegen astenosfeer.

Aardschollen die zijn opgebouwd uit oceaanbodem zijn doorgaans dun: niet meer dan 60 kilometer. Ook deze oceanische schollen bewegen relatief snel over het aardoppervlak. De dikte van continentale aardschollen zoals die van Afrika, Antarctica en Australië varieert tussen 180 en 300 kilometer en de lithosfeer onder India is slechts honderd kilometer dik. Een aanwijzing dat de lithosfeer van India vroeger dikker was, vormen de diamanten die op het continent worden gevonden. Ontstaan op een diepte van tenminste 140 kilometer, zijn ze met magma later meer naar de oppervlakte gekomen.

Volgens de auteurs is India een deel van zijn diepgang kwijtgeraakt toen het losscheurde van Gondwana. Het supercontinent zou uiteen zijn gevallen door een pluim van opwellend gesteente uit de diepte. Daarbij zou ook een deel van de diepe continentale wortel van India zijn losgescheurd. Michiel van Nieuwstadt