Nederland let deze keer veel beter op

Veel bouwprojecten liggen stil vanwege strenge Europese normen voor luchtkwaliteit.

Nederland lobbyt flink voor gunstige nieuwe normen, maar mogelijk zonder effect.

Nederland heeft geleerd van de les uit 1999. Toen stemde milieuminister Jan Pronk (PvdA) geruisloos in met strenge Europese normen voor fijnstof in de lucht. Slechts weinigen realiseerden zich de consequenties hiervan. De volksgezondheid is erbij gebaat, maar honderden grote bouwprojecten liggen nog altijd stil. Nederland zit ‘op slot’, omdat de bouwplannen bij verwezenlijking tot extra verkeer en daarmee extra uitstoot van fijnstof leiden. Een voorbeeld is de Tweede Coentunnel bij Amsterdam die hierdoor jaren langer op zich laat wachten.

Momenteel wordt in Brussel een herziening van de fijnstofnormen besproken. Deze keer is Nederland zich bewust van de verstrekkende gevolgen die dit kan hebben. Daarom is op diverse niveaus een stevige lobby opgezet om de Brusselse besluitvorming te beïnvloeden. De Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging in Brussel, werkgeversorganisatie VNO-NCW, de Vereniging Nederlandse Gemeenten, het Havenbedrijf Rotterdam en diverse andere organisaties – allemaal gingen ze op bezoek in het Europees Parlement om een nieuw fijnstofdebacle te voorkomen. Maar de eerste slag is al verloren. Nederland was onder de vorige staatssecretaris van Milieu (Van Geel, CDA) tegen iedere norm voor het fijnste fijnstof (PM 2.5 genaamd). De Europese Commissie en andere lidstaten waren echter wel voor, waardoor het devies nu luidt: een zo soepel mogelijke norm voor PM 2.5 verwezenlijken.

„Wij willen een doelstelling die haalbaar is. Anders moet Nederland straks weer op zijn knieën bij de Europese Commissie om uitstel vragen en dan moet je nog maar afwachten of je dat ook krijgt”, aldus Willem-Henk Streekstra, lobbyist voor VNO-NCW. Uit onderzoek is gebleken dat fijnstof het meest schadelijk is voor de volksgezondheid. Volgens schattingen overlijden jaarlijks 18.000 Nederlanders vroegtijdig door de grote hoeveelheid fijnstof in de lucht. „De volksgezondheid is belangrijk, maar aan een onhaalbare norm heb je ook niets”, aldus Streekstra.

Een nog te publiceren onderzoek van het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) lijkt hem gelijk te geven. Het draait hangt bij de onderhandelingen in Brussel allemaal om een toekomstige norm voor het fijnste fijnstof van 25 microgram per kubieke meter lucht, of 20 microgram per kubieke meter. „25 kunnen we halen, 20 niet”, zegt Jan Matthijsen, onderzoeker bij het MNP. Vooral rondom drukke wegen is de norm van 20 microgram voor het dichtbevolkte en door Duitse en Belgische industriegebieden omringde Nederland onhaalbaar, meent het MNP. Maar „ik zie gebeuren dat 20 microgram eraan komt”, voegt Matthijsen eraan toe. Hij baseert zich daarbij op een recente stemming in het Europees Parlement en de verhoudingen in de Milieuraad, waar de Europese lidstaten met elkaar onderhandelen.

Het probleem is volgens VVD-europarlementariër Jules Maaten dat veel andere landen zich niet realiseren welke moeite zij in de toekomst krijgen met het halen van de normen. Oorzaak daarvan is volgens hem dat alleen in Nederland bouwplannen direct getoetst worden aan eventuele strijdigheid met EU-normen voor fijnstof. De gevolgen worden door projectontwikkelaars daarom direct gevoeld. „Je kunt mij niet wijs maken dat Antwerpen, Parijs of het Ruhrgebied schoner zijn dan Nederland. Het is nu de taak aan minister Cramer (Milieu, PvdA) en premier Balkenende om de andere landen duidelijk te maken dat zij dezelfde problemen krijgen wanneer de Europese Commissie naleving van de normen gaat eisen”, aldus Maaten.

Tijdens een overleg met de Tweede Kamer beloofde minister Cramer gisteren haar Europese collega’s de komende weken en maanden zo veel mogelijk te overtuigen. „Want hier kunnen we nog enorme ellende mee krijgen”, voegde ze eraan toe.