‘Majeure’ fouten Rijkswaterstaat

Het ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft diverse, soms „majeure” fouten gemaakt bij de planning van nieuwe snelwegen. Rijkswaterstaat als dienst van het ministerie had deze fouten kunnen voorkomen door betere controle uit te oefenen op verstrekte opdrachten en afspraken beter vast te leggen.

Dat blijkt uit onderzoek van het speciale onderzoeks- en verificatiebureau van de Tweede Kamer naar de besluitvorming over de snelwegen A4 van Delft naar de Beneluxtunnel en de A74 bij Venlo. Afgelopen zomer bleek dat Verkeer en Waterstaat ten onrechte een alternatief voor de A4 bij Delft, een toekomstige snelwegverbinding waar al vijftig jaar over wordt gediscussieerd, af heeft laten vallen bij de plannen om de verkeerssituatie bij Rotterdam en Den Haag te verbeteren. Het ministerie onderzoekt deze optie opnieuw, waardoor de geplande snelweg vertraging oploopt.

Doordat ingenieursbureau DHV van te weinig rijbanen uitging bij een variant op de A4 werd de capaciteit van knooppunt Ypenburg met 30 procent onderschat. Die fout had Rijkswaterstaat kunnen ontdekken als zij beter had opgelet, stelt het onderzoeksbureau van de Tweede Kamer. TNO blijkt zeer kritisch te zijn over de gehanteerde modellen en rekenwijzen van DHV. Het ingenieursbureau was vanochtend niet in staat inhoudelijk te reageren.

De gevolgen van de fout bij de A4, die in augustus 2006 aan het licht kwam, blijken aanvankelijk te zijn gebagatelliseerd op het ministerie. Het onderzoeksbureau van de Tweede Kamer stelt vast dat de Kamer pas 10 maanden na de ontdekking van de fout wordt geïnformeerd dat de fout grote gevolgen heeft voor de besluitvorming: verbreding van de A13 als variant op een nieuw stuk A4 is ten onrechte afgevallen. Het onderzoeksbureau noemt de fouten „niet verwijtbaar, wel vermijdbaar”.

Een woordvoerder van het ministerie liet vanochtend weten dat de conclusie van meerdere fouten niet gedeeld wordt en wijst erop dat er hard gewerkt wordt om de kwaliteit van Rijkswaterstaat te verbeteren, onder meer door nieuwe mensen aan te trekken. Minister Eurlings (Verkeer en Waterstaat, CDA) zal over drie weken de Kamer zijn reactie geven.