VN stopt met voedselhulp Mogadishu na arrestatie

Het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de Verenigde Naties schort haar activiteiten in de Somalische hoofdstad Mogadishu op na de arrestatie van een medewerker. Dat heeft het WFP gisteren gezegd.

Gisterochtend arriveerden leden van de Somalische Nationale Veiligheidsdienst (NSS), die gelieerd is aan de Somalische president, in tot gevechtsvoertuigen omgebouwde pick-ups bij het VN-kantoor. Zo’n vijftig zwaarbewapende mannen drongen het gebouw binnen en arresteerden directeur Isrid Osman van het bureau.

Het WFP zegt dat de directeur nu vastzit in het NSS-hoofdkwartier vlakbij het presidentiële paleis. VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon heeft de arrestatie met veroordeeld als een grove schending van de immuniteit van de VN en roept op tot onmiddellijke vrijlating van Osman.

De arrestatie kan te maken hebben met de machtsstrijd tussen de president en premier Ghedi. Degene die in de ogen van de bevolking de voedseldistributie controleert, heeft een machtige positie. Afgelopen maandag begon de WFP met de distributie van voedsel in Mogadishu via de moskeeën. De lokale gouverneur die hiervoor toestemming gaf, is een medestander van premier Ghedi. De leden van de veiligheidsdienst die Osman hebben ontvoerd, staan onder bevel van de president.

Toen in april de strijd tussen moslimextremisten en regeringstroepen gesteund door een Ethiopische invasiemacht hoog oplaaide, sloegen 300.000 inwoners van de hoofdstad op de vlucht. Zij waren vooral afhankelijk van voedselhulp van het WFP. De organisatie klaagde toen dat de voedselhulp onnodig vertraagd werd door controles van de regering.

Net als in andere door oorlog verscheurde Afrikaanse landen wordt voedsel- en humanitaire hulp in Somalië vaak gebruikt in de politieke machtsstrijd. Tijdens de chaos in Mogadishu in de jaren negentig hielden strijdgroepen van clans voedsel achter voor hongerige burgers, omdat ze de bevolking wilden controleren of om hun eigen strijders te voeden.

Vorig jaar was Mogadishu met delen van Zuid-Somalië voor korte tijd in handen van de Unie van Islamitische Rechtbanken, die een einde maakte aan de anarchie. Nadat deze fundamentalisten waren verdreven door regeringstroepen met steun van het Ethiopische leger, veranderde de stad weer in een chaos en clanstrijd als in de jaren negentig. (AP, Reuters)