Snel leven, snel luisteren

Douwe Draaisma: Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt. Voorgelezen door Jan Meng. Rubinstein, 6 cd’s, €20

Het autobiografische geheugen is geen gangbaar onderwerp in de psychologie. Die wetenschap voelt zich niet erg op haar gemak bij een thema dat zich zo slecht leent voor wetenschappelijke generalisaties. Om precies dezelfde reden geniet het bij het bredere publiek grote populariteit. De vraagstukken die ermee samenhangen zijn heel concreet en tegelijkertijd intrigerend. Waarom kunnen we nog jaren later blozen om een ondergane vernedering? Waarom lijkt het leven met het stijgen van de leeftijd steeds sneller te gaan?

De psycholoog Douwe Draaisma laat in zijn in 2001 verschenen essaybundel Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt in een achttiental korte en langere beschouwingen, liet hij zien hoe deze problemen intussen wel wat van hun geheimen hebben prijsgegeven, maar daarmee nog weinig hebben verloren van de raadselachtigheid waarmee de grondleggers van de psychologie al worstelden. Het enorme nationale en internationale succes van het boek liet zien dat die vragen nog steeds op een brede belangstelling konden rekenen.

Op de nu verschenen cd-versie van het boek worden twaalf van de oorspronkelijke 18 hoofdstukken voorgelezen door Jan Meng. Weggevallen zijn helaas mooie stukken over onder meer déjà-vu’s en de ervaring van bijna-gestorvenen, die hun leven op het allerlaatste moment als in één snelle film aan zich voorbij hebben zien gaan. Desondanks moet Meng behoorlijk vaart maken om alle tekst op zes cd’s gepropt te krijgen. Titels, tussentitels en alinea’s krijgen nauwelijks de tijd om op zichzelf te staan en dat maakt het beluisteren van deze cd’s nogal onoverzichtelijk. Sommige stukken zijn bovendien half op de ene, half op de andere cd terecht gekomen. Het titelhoofdstuk begint plompverloren ergens halverwege de eerste track van de laatste cd.

Jan Meng, die al vele boeken op cd heeft voorgelezen, draagt de stukken van Draaisma mooi en melodieus voor. Té mooi misschien, want anders dan een verhaal is een uiteenzetting veeleer gebaat bij een vlakke voordracht. Die herinnert de luisteraar er voortdurend aan zijn hoofd bij de redenering te houden in plaats van zich te laten meeslepen door de sonoriteit van de taal, die zo belangrijk is voor literatuur. Wie die associatie weet te vermijden, raakt van begin af aan onder de indruk van de wetenschappelijke essayistiek die Draaisma bedrijft. Glashelder en met een enorme culturele en wetenschappelijke eruditie weet hij de psychologie opnieuw spannend, herkenbaar en verrassend te maken.