Rotterdam poetst zonder te leren

De Rotterdamse wethouder Jeannette Baljeu (VVD) weigert op te stappen, ondanks zware kritiek over haar rol in de ‘blunderput’-affaire. „Een wethouder wegsturen lost het probleem niet op.”

Bijna letterlijk dreunde Jeannette Baljeu gisteren de inhoud op van het persbericht dat de Rotterdamse wethouder (Verkeer en Vervoer, VVD) kort daarvoor had laten verspreiden in het stadhuis. Het eerder die middag gepresenteerde rapport van de enquêtecommissie Museumparkgarage was weliswaar hard van toon, maar verder bevatte het belastende document „vooral heel veel nuttige aanknopingspunten en leermomenten voor de toekomst”.

En nee, Baljeu zag in het vernietigende rapport geen aanleiding om op te stappen. Ook al heeft de VVD-politica in de ogen van de enquêtecommissie een politieke doodzonde begaan door de raad dit voorjaar „onjuist en onvolledig” te informeren over de aanpassingen in de bouw. Mede onder druk van haar stemde de raad in met hervatting van de werkzaamheden aan de ondergrondse parkeergarage, waarvan de kosten tweemaal zo hoog uitvallen als begroot: 103,4 miljoen euro.

VVD-fractieleider Jerry van der Waarde zette zijn partijgenote gisteren vooral neer als een slachtoffer. Baljeu was simpelweg op het verkeerde been gezet door haar ambtenaren, en dus verviel het verwijt van „onvoldoende toetsbare sturing”. Van der Waarde: „Van de ambtelijke almacht, daar ben ik van geschrokken. Dat is hier het ware probleem.” Die mening vond weerklank bij coalitiepartij CDA. „Ambtenaren lijken deze stad te regeren”, stelde raadslid Beppie Hagenaars. „Een wethouder wegsturen lost dat helaas diepgewortelde probleem niet op.”

Steun kreeg de bekritiseerde wethouder ook van de grootste van de vier coalitiepartijen, de PvdA. „Baljeu heeft de raad binnenkort wel wat uit te leggen, maar toen zij vorig jaar binnenkwam, reikte het vuilnis tot aan het plafond”, stelde fractieleider Peter van Heemst. Met andere woorden: de grootste schuld lag niet bij haar, maar bij een van haar voorgangers: Marco Pastors van Leefbaar Rotterdam. Die had Baljeu opgezadeld met „een heel lelijke erfenis”.

Pastors was vier jaar lang het boegbeeld van een ‘vechtcollege’ dat zich voor liet staan op daadkracht. Het roer moest om, het roer ging om. Met vereende krachten – en voor het eerst in de naoorlogse Rotterdamse geschiedenis zonder de gehate PvdA – werkte Rotterdam de puinhopen weg. Precies zoals Pim Fortuyn had beloofd in de aanloop naar de politieke aardverschuiving op 6 maart 2002, toen zijn Leefbaar Rotterdam vanuit het niets zeventien zetels won. Onorthodoxe middelen, zoals de Rotterdamwet (alleen inkomen uit werk garandeert een woning in de meest kwetsbare delen van de stad), werden daarbij niet geschuwd.

Die houding van niet al te veel denken maar vooral doen, heeft zich diep genesteld in de Rotterdamse bestuurscultuur. Het is een klacht die dan ook opvallend vaak te horen is in de tweede stad van Nederland: ambtenaren leggen de orders vanuit het stadhuis naast zich neer, en de officieuze stadsleus ‘niet lullen, maar poetsen’ wordt vaak te serieus genomen.

Met alle gevolgen van dien, zoals het rapport van de enquêtecommissie aantoont. Commissievoorzitter Tom Harreman (PvdA) somde gisteren maar liefst 33 conclusies op, die een pijnlijk beeld schetsten van de spierballenmores in de Rotterdamse bestuurskamers: geen of weinig verantwoordelijkheidsbesef, elkaar tegenwerkende ambtelijke diensten, weinig realiteitszin, ondoordachte beslissingen. „‘We moeten erop kunnen vertrouwen’ is een adagium geworden dat het kritisch vermogen belemmert”, stelde Harreman droogjes vast.

Pastors bekende gisteren schuld, maar stelde tegelijkertijd vast dat „dit college hardnekkig weigert lessen te trekken uit het verleden”. Het kritische rapport van de eigen gemeentelijke accountantsdienst uit december is door Baljeu „achteloos terzijde geschoven, ook al was het een overduidelijke gele kaart”.

Ook het feit dat de wethouder vorige week nog een hernieuwd contract sloot met Strukton, ondanks aantoonbare fouten van de hoofdaannemer, getuigt volgens hem van „weinig politiek vernuft”.

In navolging van Leefbaar Rotterdam vinden ook twee andere oppositiepartijen, SP en D66, dat Baljeu haar conclusies moet trekken. „Baljeu heeft haar eigen politieke graf gegraven”, sprak SP-fractievoorzitter Theo Cornelissen op schertsende toon.

De partijen moeten tot de gemeenteraadsvergadering van 15 november wachten voor ze het debat met het college aan kunnen gaan.