Mandarijntje

bolshoi_1.jpgIn een bijgebouw van het Bolsjojtheater (dat zelf wegens verbouwing gesloten is) werd gisteravond Sjostakovitsj’ opera Lady Macbeth van Mtsensk opgevoerd door de Letse Nationale Opera. Aangezien mijn vrouw en ik liefhebbers van het genre zijn ging ik aan het eind van de middag op de gok naar de kassa om te proberen of ik twee kaartjes kon kopen.

In Nederland was zoiets me nog nooit gelukt, maar op het Theaterplein in Moskou bleek het anders te zijn: er waren nog kaarten in overvloed. Eerste rang werd het, parterre, voor 300 roebel per kaartje. Dat was nu eens een meevaller, voor iets meer dan 8 euro naar de opera, in een van de beroemdste theaters ter wereld. Het is een van de betere erfstukken uit de vitrinekast van het communisme.

De zaal van het nieuwe podium, zoals het bijgebouw wordt genoemd, deed in alles denken aan de glitter uit de dagen van de tsaar. De groene pluchen stoelen werden bezet door een gemengd publiek van gewone Russen en enkele buitenlanders. Jong en oud was aanwezig. De klassieke muziekcultuur in Rusland ais nog altijd onovertroffen.De regie van de voorstelling was ouderwets en deed je beseffen hoe bijzonder Pierre Audi bij de Nederlandse Opera toch is. Maar er werd schitterend gezongen en menselijk gespeeld. Het overspel- en moorddrama van de koopmansvrouw uit Mtsensk die uit verveling een verhouding begint met een boerenknecht en als die verhouding uitkomt zowel haar schoonvader als echtgenoot vermoordt om vervolgens met die knecht te kunnen trouwen, fascineerde in een Russische omgeving misschien wel meer dan in Nederland. Vooral de huwelijksscène, waarin de bruiloftgasten van beide geslachten dronken over de grond kropen, leek een kopie van wat ik dagelijks bij mij in de buurt tegenkom. En ook het liederlijke en nouveau riche-gedrag van de koopman en zijn aan pornotelevisie verslaafde vader kwamen me bekend voor. Alleen de BMW’s en Mercedessen ontbraken nog op het podium om een gelijkenis met de Moskouse werkelijkheid te kunnen evenaren.

Na de eerste twee actes was het pauze. Het publiek snelde naar de foyer waar aan rijkbedeelde buffetten drank (champagne, wijn, bier en whisky voor zo’n 200 roebel per glas), voedsel (toostje kaviaar voor 650 roebel) en boterhammetjes met zalm of heilbot konden worden gekocht. Een gezelschap Noorse zakenlieden liet meteen een fles Franse champagne aanrukken (3500 roebel). Mijn vrouw en ik namen genoegen met een glas degelijke Sovjetskaja champagne.

Naast ons stond een Russisch echtpaar - hij in lichtgrijs polyester pak en op nog grijzere schoenen, partijspeldje in de revers, zij in een jaren zeventig mantelpak, het haar in een suikerspin opgestoken - dat het heel anders deed. Uit haar handtas haalde de vrouw een flesje mineraalwater, een reep chocolade en een mandarijntje tevoorschijn. Driehonderd roebel (maal twee in hun geval) is voor een Rus tenslotte veel geld en om nu ook nog eens eenzelfde bedrag aan versnaperingen uit te geven heeft inderdaad iets belachelijks. Het echtpaar genoot zichtbaar van de hapjes.

Toen ik om me heen keek, zag ik ineens veel meer gewone Russen met kleine meegebrachte bakjes chocola en fruit. ,,Geef ze eens ongelijk”, zei mijn vrouw. ,,Alles wat een beetje naar luxe riekt is voor een gewone Rus niet te betalen. Wij nemen in het vervolg uit solidariteit ook een mandarijntje mee.”

Maar mandarijn of geen mandarijn, uiteindelijk is toch de muziek het belangrijkst. En dat was te merken, want toen het echtpaar na afloop van de voorstelling innig gearmd naar buiten liep, wist ik dat ze net als mijn vrouw en ik een mooie avond hadden beleefd.