Waar is de minister van Duurzaamheid

‘Duurzaamheid’ is in de mode. Anne-Marie Rakhorst, in 2000 zakenvrouw van het jaar, doet haar voordeel ermee. Zij adviseert ondernemers. Besparing van grondstoffen levert hun letterlijk winst op. En zulke bedrijven doen het op de beurs beter, zegt zij. Een vraaggesprek.

Meer dan 300 louter vrouwelijke ondernemers zijn op het door de provincie georganiseerde congres in Sint Michielsgestel afgekomen. Van grafici tot architecten, boeren en beautyspecialisten. Anne-Marie Rakhorst, in 2000 ‘Zakenvrouw van het Jaar’, mag deze middag haar boodschap uitventen dat ‘duurzaamheid’ – besparing van grondstoffen en milieubehoud – ook voor hun kleine bedrijven haalbaar is. Haar duurzaamheidmotto? ‘Slim en leuk’. Rakhorst: „Als je het niet slim en leuk maakt, en dingen ontstaan uit boetedoening, schuld of angst, leidt dat tot demotivatie.”

Een dag eerder was Rakhorst op een beurs in München om Duitse en Nederlandse bouwondernemers te overtuigen. En een dag later spreekt ze over hetzelfde in Rotterdam. Volgens Rakhorst levert duurzaamheid bovendien voor alle bedrijven „meervoudige winst” op. Ook daarom moet iedereen aan de slag. Duurzaam ondernemen betekent „nieuwe markten aanboren”.

De 40-jarige Brabantse onderneemster presenteerde onlangs haar boek Duurzaam ontwikkelen... een wereldkans. Op een aanstekelijke manier en met concrete voorbeelden en tips probeert Rakhorst ondernemers en consumenten enthousiast te maken. Voor haar boek putte Rakhorst uit eigen ervaring en voerde ze gesprekken met een twintigtal wetenschappers, ondernemers, politici, trendwatchers en vertegenwoordigers van milieuorganisaties. Op haar initiatief verschijnt binnenkort ook de Nederlandse vertaling van Cradle to Cradle: Remaking the way we make things van de Duitse chemicus Michael Braungart en de Amerikaanse ontwerper William McDonough over hun baanbrekende concept van een volledig op duurzaamheid en hergebruik gebaseerde economie.

Rakhorst komt uit een ondernemersfamilie – haar vader had een automatiseringsbedrijf. Ze studeerde bedrijfskunde en begon in 1994 met een banklening van 40.000 gulden haar eigen onderneming, een adviesbureau voor milieu en milieuveiligheid. Search BV specialiseerde zich aanvankelijk in asbestonderzoek. Nu is Search, met inmiddels een omzet van 16 miljoen euro, 160 medewerkers en drie vestigingen in Amsterdam, Heeswijk en Groningen, een internationaal opererend ingenieurs- en onderzoeksbureau. Het bedrijf doet onder meer de directievoering voor complexe bouw-, sloop- en saneringsprojecten. Ook geeft het bedrijf opleidingen.

Toen innovatiefora deze zomer hun ambitieuze actieplan ‘Urgenda’ opstelden om Nederland tot ‘proeftuin’ van duurzaamheid te maken – juist afgelopen maandag werd het actieplan aan minister Jacqueline Cramer (VROM, PvdA) aangeboden – schoven ze naast Herman Wijffels (ex-voorzitter van de SER, nu Wereldbankbestuurder) en Peter Bakker (topman TNT) Anne-Marie Rakhorst als ‘doener’ naar voren voor het lidmaatschap van een nog op te richten Duurzaamheidsplatform.

Waarom zouden ondernemers iets moeten met duurzaamheid?

„Omdat de onderneming er beter van wordt. Ook als je kijkt naar de duurzaamheidindex van bijvoorbeeld Dow-Jones, dan zie je dat bedrijven die heel zorgvuldig bezig zijn op het gebied van duurzaamheid ook een betere bedrijfsvoering hebben.”

Bedoelt u dat ze efficiënter werken?

„Nee, het gaat niet altijd om efficiëntie, dat is misschien wel een van de problemen. Een bedrijf dat duurzaam werkt heeft maatschappelijk verantwoord ondernemen als prioriteit. Het bedrijf kijkt dus naar people, planet and profit, ofwel mens, milieu en markt. En het zorgt voor een betere balans daartussen. Dat vertaalt zich ook in een hogere winst. Als je naar de beurswaardering kijkt dan zie je dat duurzame bedrijven het in het algemeen beter doen.”

Waar zit dat in?

„Dat zit hem in zorgvuldigheid en het zien van marktkansen, dus het nadenken over de vraag wat de dienst of het product van je bedrijf bijdraagt aan de wereld waarin we zitten.”

In haar boek geeft Rakhorst vele concrete voorbeelden van producten, en van kleinere en grotere bedrijven die met succes voor het duurzaamheidscenario kozen. Zo is er de door Delftse studenten ontwikkelde duurzame dansvloer die de beweging van het dansende publiek benut voor energieopwekking. „Stel je voor hoeveel stroom het spitsuur in metro of station kan opleveren”, fantaseert Rakhorst. Haar eigen Searchvestiging in Amsterdam produceert meer dan de eigen energiebehoefte.

Maar het gaat volgens Rakhorst niet alleen om producten, ook om omgang met mensen: „Hoe eerlijk en transparant ga je met klanten, leveranciers en de eigen werknemers om?”

Over duurzaamheid wordt al lang en zo veel gesproken, is het niet een mantra aan het worden?

„Ja. En het is saai en langdradig. En dat is nou net wat we niet willen. Als ik u vraag hoe uw huwelijk is en u zegt ‘duurzaam’, dan denk ik dat de passie er wel uit is. Het moet gaan over innovatie, over anders maken van producten, gebouwen, een andere kijk op de wereld, het geloven in de toekomst.

„Ik zat met een boel mensen naar de film van Al Gore over het klimaat te kijken. Veel van die mensen bleven lamgeslagen in hun stoel achter, omdat de geschetste problemen zo groot zijn dat ze niet weten wat te doen. Het is een van de redenen geweest dat ik mijn boek heb geschreven. Ik ben groot voorstander van wat Gore heeft gedaan. Maar het praten is nu wel voorbij.”

Maar ondernemingsorganisatie VNO-NCW klaagde onlangs nog dat de overheid te snel gaat met haar plan vanaf 2010 alleen duurzaam in te kopen?

„Ik vind het geweldig van de overheid. Dat gaat echt wat veranderen. Organisaties als VNO-NCW zitten op het gemiddelde van de branches en wachten tot de laatste ook mee is. Ik ben ervan overtuigd dat de koplopers onder de bedrijven het gaan laten zien – dat laten ze al zien – en dat andere bedrijven daar een voorbeeld aan kunnen nemen.”

Heeft het midden- en kleinbedrijf (mkb) niet een te grote kennisachterstand op grote bedrijven?

„Ik vind dat mkb’ers – en ik ben er zelf ook een – het goed doen. En ik denk ook dat we het innovatievermogen van mkb’ers niet moeten onderschatten.”

In haar boek geeft Rakhorst aan dat juist kleine beginnende ondernemers zich als koplopers kunnen manifesteren, omdat zij nog niet hebben geïnvesteerd in kostbare productiefaciliteiten die hun geld nog moeten opbrengen.

Wordt het innovatievermogen van kleine ondernemers onderschat?

„Als je kijkt naar het Innovatieplatform onder leiding van premier Jan Peter Balkenende, dan is daar vooral het grote bedrijfsleven in vertegenwoordigd.”

Bestaat dus de neiging gevestigde bedrijfsbelangen te dienen?

„Dat klopt. Ik denk wel dat je een coördinerend platform nodig hebt. Maar innovatie vindt plaats in de interactie tussen kleinere en grotere bedrijven. Je hebt dus ook kleinere cellen nodig om de innovatie te bevorderen.”

Wat moet de overheid nog doen?

„Het ministerie van Onderwijs moet zorgen voor onderwijsmateriaal over duurzaamheid voor lagere scholen, middelbare scholen, universiteiten. Maar vergeet vooral ook het middelbaar en algemeen beroepsonderwijs niet. Ze moeten opleiden in duurzaamheid en innovatie. En scholen zouden wat opener kunnen staan voor initiatieven Ze zijn wel heel defensief naar het commerciële belang van een bedrijf toe.”

Ook op fiscaal gebied moet het kabinet volgens Rakhorst veel verder gaan. En de overheid moet haar marktmacht bij aanbestedingen beter gebruiken. En die vijf aangekondigde kolencentrales „moeten er niet komen”.

Toch is ze „blij” met milieuminister Cramer, omdat die „gedreven” is en „kennis van zaken” heeft. Maar de minister – die het voorwoord voor haar boek schreef – is volgens Rakhorst nog „te weinig concreet”. Curieus genoeg lijkt ze bijval te krijgen van de minister zelf. Deze erkende afgelopen maandag bij de aanbieding van het actieplan ‘Urgenda’ dat het politieke debat over duurzaamheid nog te „abstract” is.

Volgens Rakhorst heeft Nederland een kans laten lopen door niet, zoals bijvoorbeeld Frankrijk, een aparte minister voor Duurzaamheid aan te stellen. „In Nederland is het onderwerp verdeeld over zes ministeries.”

Meer informatie over het boek Duurzaam ontwikkelen…een wereldkans op www.duurzaamheid.nl