Referendum in Utrecht is niet mislukt

Het burgemeestersreferendum in Utrecht is mislukt. Dat is de mening van cynische commentatoren. Dat zeggen teleurgestelde kiezers. En ook de Tweede Kamer wil nu gemeenteraden het recht afpakken om zelf te beslissen of ze wel of niet via een referendum hun belangrijkste bestuurder laten kiezen. Hebben ze in Den Haag dan níets geleerd van de Fortuynrevolte in 2002?

Gemeenteraden zijn de lokale volksvertegenwoordiging. Raadsleden doen hun werk vaak stukken beter dan de landelijke volksvertegenwoordiging, omdat ze dicht op de problemen van hun stad zitten. Ze worden vaker en indringender door mensen op hun doen en laten aangesproken dan Tweede Kamerleden. En ze zijn dus ook beter dan de nationale politici in staat om te beoordelen of een nieuwe burgemeester via de klassieke procedure of via een referendum moet worden gekozen.

Zo vindt de gemeenteraad van Den Haag een referendum over de opvolger van burgemeester Deetman niet nodig. Daar is de gewone procedure begonnen die één geschikte kandidaat moet opleveren. De minister van Binnenlandse Zaken zal haar handtekening onder die voordracht zetten. Daarna krijgt de bevolking te horen wie de nieuwe burgemeester wordt.

Maar Utrecht deed het anders. En Eindhoven gaat het anders doen. Daar wordt binnenkort een referendum gehouden. In Rotterdam is de discussie over de opvolging van burgemeester Opstelten net losgebarsten. Als lijsttrekker en fractievoorzitter van de PvdA ben ik voorstander van een referendum. Een deel van de partij wil liever de methode-Den Haag. Een keuze is nog niet gemaakt. Niet in de PvdA, niet in de gemeenteraad.

Helaas is in Utrecht het referendum verknoeid door een kandidaat die er eigenlijk bij voorbaat al geen zin in had. Ralph Pans zei gestuurd te zijn door de landelijke PvdA en vond zijn huidige baan stiekem ook wel de moeite waard. De boodschap die hij uitstraalde naar de Utrechtse kiezer, was: ‘Blijf maar lekker thuis. Ik vind het allemaal maar niks.’ En als een minister (Vogelaar, red.) op verkiezingsdag ook nog eens bijna trots laat weten dat zij van haar democratische recht om te stemmen geen gebruik gaat maken, dan is een opkomst van nog geen 10 procent natuurlijk geen verrassing meer.

De vertrouwenscommissie heeft – achteraf gezien – met Ralph Pans een verkeerde kandidaat het veld in gestuurd. Maar van dat soort fouten is te leren. En bovendien, Utrecht krijgt nu een burgemeester die door het referendum onder de bevolking bekendheid geniet. De opvolger van Deetman in Den Haag zal die voorsprong in ieder geval niet hebben.

Het referendum in Utrecht is dus allesbehalve mislukt. Andere gemeenten kunnen er hun voordeel mee doen. Maar laat de Tweede Kamer zich er verre van houden. Het burgemeestersreferendum is niet hun zaak.

Peter van Heemst is fractievoorzitter van de PvdA in Rotterdam. Tussen 1991 en 2006 was hij lid van de Tweede Kamer.