In het geheim vakbonden betalen

Een affaire rond een Franse werkgeversvoorman toont een duistere kant van de sociale verhoudingen in het land. Werkgevers blijken al jarenlang in het geheim de vakbonden te financieren.

Een belangrijke Franse werkgeversvoorman heeft de afgelopen acht jaar ten minste 24 miljoen euro opgenomen van de bankrekening van zijn club. De Franse justitie onderzoekt de bestemming van dit geld.

De voorman, president van de Franse metaalindustrie en nummer twee van de nationale werkgeversfederatie Medef, verdedigt zich. Hij heeft het geld niet in eigen zak gestoken, verklaarde hij deze maand. Het diende als „smeergeld voor de sociale verhoudingen”. Zoals gebruikelijk bij zijn Union de Industries et métiers de la métallurgie (UIMM), die onder meer Franse staalbedrijven, autofabrikanten en de vliegtuigindustrie vertegenwoordigt.

Daarmee kwam de affaire-DGS (naar de initialen van Gautier-Sauvagnac), pas goed op gang. Zij toont een duistere kant van de Franse sociale verhoudingen. Werkgevers blijken sinds vele jaren in het geheim de vakbonden te financieren, met wie ze zo veelvuldig overhoop liggen.

Onthullingen, bekentenissen en aanwijzingen komen los. Van Yvon Gattaz bijvoorbeeld, werkgeversvoorzitter in de jaren tachtig. Hij verklaarde gisteren dat werkgeversgeld „in het handje” ten minste sinds 1984 een „normale financiering” van de vakbonden is. DGS zelf ging al eerder nog wat verder terug. Deze werkwijze is gebruikelijk „sinds 1864”, verklaarde hij. Toen verenigde de staalindustrie zich in een comité tegen stakende werknemers.

Een negentiende-eeuws systeem dat nu nog volop werkzaam is. En dat komt boven tafel op het moment dat president Sarkozy belooft de sociale verhoudingen te moderniseren en de sociale partners onder druk zet om binnen enkele maanden een akkoord te bereiken over belangrijke arbeidsmarkthervormingen.

De kwestie brengt zowel werkgeversvertegenwoordigers als vakbondsleiders in verlegenheid. François Chérèque, voorzitter van de gematigde CFDT, spreekt van een „schandelijke verdachtmaking” die „agressie” oproept. Bernard Thibault, leider van de ex-communistische CGT, vindt dat het ‘patronaat’ zich er makkelijk vanaf maakt door de bonden de schuld te geven „om geen andere bestemmingen van die liquide middelen toe te hoeven geven”. Sinds vorige week dringt hij wel aan op nieuwe, transparante regels voor de financiering van vakbonden, die onder druk staan wegens hun lage aantal leden: 8 procent van alle werknemers is vakbondlid.

Een stuk toegeeflijker toonde zich Laurence Parisot, de huidige voorzitter van de Medef. De affaire heeft op haar „dezelfde uitwerking als het op straat belanden van een familiegeheim”, verklaarde ze gisteren op een persconferentie. „Wij voelen ons bevrijd door deze onthullingen.”

Dat klonk haar publiek in de oren als de belofte van een afrekening. Denis Gautier-Sauvagnac is de nummer twee van de Medef, en de grote interne rivaal van Parisot. Omdat Gautier-Sauvagnac de UIMM binnen de Medef vertegenwoordigt, kan zij hem niet dwingen op te stappen. Maar Gautier-Sauvagnac verliest terrein. Zo was hij tot deze week een van de sleutelfiguren in de onderhandelingen over de invoering van een nieuw standaard arbeidscontract met soepeler ontslagvoorwaarden. Hij vertegenwoordigde de werkgevers in het gesprek met de vakbonden. Maandag trok hij zich terug.