Beelden tussen droom en waken

‘Weight’, 2005 (Zeno-X Gallery)

Tentoonstelling: Michaël Borremans: ‘Veldwerk’. T/m 4 nov in De Appel, Nieuwe Spiegelstraat 10, Amsterdam. Di-zo 11-18 uur. Inl: www.deappel.nl

Iets in het filmpje doet denken aan Vermeers Meisje met de Parel, ook al zijn medium, kleur en beeld volkomen anders. Het komt door het licht en door de verstilling, en ook door de onaangeraaktheid van het meisje. Zij is gekleed in een roze met wit gestreepte jurk, het gladgekamde haar is opgestoken. Zij verlegt staafjes op een gelakt tafelblad, een doelloze handeling die zij met grote concentratie uitvoert. De cameraposities wisselen, we zien haar van voren, van achteren, van onderaf. Het licht streelt het haar, de huid, de oogleden. Niet alleen de handeling is vreemd, ook de omgeving is raar. Het meisje staat in een nauwe cabine van glanzend gelakt hout, en verdwijnt vanaf haar middel in een gat in het tafelblad.

Michaël Borremans (1963), een Belgische schilder die is opgeleid als fotograaf en grafisch ontwerper, toont in De Appel voor het eerst de films waar hij sinds een aantal jaren aan werkt. Borremans schilderde hiertoe de zalen grijs, verplaatste wanden, verlegde plinten en bouwde een grijs geschilderde vitrine in die deel uitmaakt van de wand. De zalen zijn verduisterd, op één zaal na. Een zeer theatrale enscenering.

De korte filmpjes worden vertoond op kleine lichtschermen die als schilderijen aan de muur hangen. Soms oogt zo’n filmpje als een schilderij uit de tijd van de Vlaamse Primitieven, zoals een portret op A4-formaat van een man met een lichtblauwe vilten muts op.

In de grootste zaal ratelt een filmprojector. Ook hier is die spanning tussen roerloosheid en beweging. Drie zwarte mannen, gekleed in witte pakken, zitten op stoelen. Alleen het flakkerende licht beweegt onophoudelijk. Dat wekt het dode beeld tot leven.

De nauwkeurigheid van de inrichting en het theatrale van de enscenering werken dwingend. Het heeft iets onheilspellends. Het gaat hier niet alleen over schoonheid, zoals te zien is in de film van het meisje, maar ook over macht en manipulatie. In een vitrine op ooghoogte, een zwart kastje met ruiten die je gezicht weerspiegelen, staan kleine poppetjes. Ze kijken naar een reusachtige video van een man in driedelig blauw pak en wit overhemd, die de blik gericht houdt op zijn gebarende handen.

Het is zó dwingend en ook pathetisch, dat het soms te veel van het goede is. Bijvoorbeeld waar zwarte mannen in wit satijnen pakken met gebogen hoofd en met langzame handbewegingen een tafel laten zweven. Weer zo’n doelloze handeling, maar nu lijkt het op een spirituele séance. Het beeld wordt in plaats van raadselachtig eenduidig en verliest zijn kracht.

Toch slaagt Borremans erin om de beschouwer een andere wereld in te zuigen, tussen droom en waken. Een benauwende wereld waar de verschrikkelijkste dingen voelbaar zijn die net niet aan de oppervlakte komen.