Zing mee met ellende

In 24 landen, waaronder Nederland, zingen mensen morgen op Wereld Armoede Dag het Poverty Requiem.

Vier vragen aan schrijver Sylvia Borren (57), scheidend directeur van Oxfam Novib.

Op haar website weerlegt Oxfam Novib een aantal vooroordelen over armoedebestrijding. U, de directeur zou een fortuin verdienen (84.214 euro bruto) en een dikke auto rijden. Ontlokt het Poverty Requiem niet ook zulke vooroordelen: Novib zingt de armoede wel even de wereld uit?

„Dat is natuurlijk een naïef beeld. En onzin. Het mooiste compliment dat ik over de opera heb gekregen, is ‘dit is gemaakt door mensen die zelf in armoede hebben geleefd’. Dat is in mijn geval natuurlijk niet zo, maar ik heb in mijn werk de afgelopen dertien jaar wel de vreselijkste sloppenwijken gezien. Armoede zit in mijn hoofd, mijn neus en mijn oren. En ik kan je alle statistische cijfers geven: tachtig miljoen kinderen ter wereld gaat niet naar school, een half miljoen vrouwen sterft bij het baren. Maar dat blijft een abstractie, daar heb je niets aan. Het Poverty Requiem maakt de armoede voelbaar en doordringt mensen van de noodzaak tot verandering.”

De muziek is van dirigent Peter Maissan, de dans is van Le Grand Cru en u heeft de tekst geschreven. Wat was er het eerst?

„Het Poverty Requim is ontstaan toen ik begin vorig jaar een subsidieaanvraag wilde doen voor Novib. Daarin stond een zinnetje: ‘Armoede stinkt, sluipt, en moordt’. Sommigen vonden het heel mooi, anderen te heftig voor zo’n aanvraag. Peter Maisson, een oude vriend met wie ik al 25 jaar liedjes maak – liedjes ‘bakken’ noemen we dat – zei tegen me: ‘het is iets voor een muziektekst.’ Hij was net bezig met de Matteüspassie en ik dacht bij Jezus mag het wel, bloed en tranen. Dát doe ik, ik schrijf een tekst op de muziek van de Matteüs. Waarop hij me uitschold voor cultuurbarbaar, waar hij natuurlijk helemaal gelijk in had – handen af van de Matteüs. Uiteindelijk hebben we samen dit nieuwe stuk geschreven.”

Het Poverty Requiem beslaat 45 minuten en vijf delen: Born tot Suffer, Implosion, Mourning, So What en Hope. Wat gebeurt er precies in die drie kwartier?

„Het eerste deel zet armoede op de agenda. Het maakt duidelijk wat armoede is, wat het doet. Implosion richt zicht vervolgens tot de leiders in de wereld. Het lied vraagt ze: doen jullie aan verdeel- en heerspolitiek of steunen jullie ons tegen de armoede? In Mourning rouwt een moeder om de dood van haar kind. Wat kan ik doen, wat kan ik doen, vragen omstanders wanhopig. Dat gaat maar door, zoals een mantra. Mensen moeten er ook altijd bij janken, zelfs bij het zingen. Dan het vierde deel, So What. Dat gaat over vergetelheid, over het ontvluchten van de pijn met seks, drugs en rock-’n- roll. En in het vijfde deel Hope is er een breuk. De doelstelling van Novib komt er ook in terug, een rechtvaardige wereld zonder armoede. Het staat in de laatste vier regels:

The governments take care because the voters are deciding to share/

The businesses beware because the workers are demanding their share/

Increasingly men dare to join the women who are conquering fear/

Consumers soon will care to dress in social and environmental wear

Het Poverty Requiem is de afgelopen maanden al in diverse plaatsen opgevoerd. Vandaag, één dag voor Wereld Armoede Dag, is er een uitvoering in de grote zaal van de Verenigde Naties in New York. Hoe dat zo?

„Het Requiem wordt daar gezongen door 450 kids van een middelbare school voor getalenteerde, artistieke kinderen uit Bethlehem, Pennsylvania. Ze hadden het stuk zelf ergens op internet gezien en zijn er mee aan de slag gegaan. Op woensdag zingen ze al in Bethlehem, dus vandaag kwam beter uit. Het oorspronkelijke idee was trouwens om op Wereld Armoede Dag een zangketen over de hele wereld te vormen, net zoals bij de millenniumviering. En dan starten in Nieuw Zeeland waar de dag begint en ik gedeeltelijk ben opgegroeid. Maar dat is tot mijn spijt niet gelukt. Ach, ik geloof dat er 43 uitvoeringen in 24 landen zijn. Ik mag niet klagen.”

Eppo König