Migrant heeft moeite met arbeidsmarkt Nederland

Nederland doet het goed op het gebied van integratie, bleek gisteren uit een Europees onderzoek. Maar op de arbeidsmarkt hebben migranten weinig rechten.

„Integratie ligt niet alleen gevoelig, het is ook een ingewikkelde materie”, zegt Jan Niessen tijdens de presentatie van ‘zijn’ studie gisteren in Brussel. Mede onder leiding van de Nederlander Niessen, directeur van de niet-gouvernementele Migration Policy Group in Brussel, werd een grootschalige vergelijkende studie verricht naar het integratiebeleid in 25 lidstaten van de Europese Unie, plus Canada, Noorwegen en Zwitserland. Omdat Bulgarije en Roemenië pas na de start van de studie tot de EU toetraden, zijn deze landen niet meegenomen in het onderzoek.

Voor de Migrant Integration Policy Index (Mipex), zoals de studie heet, werden zes beleidsterreinen onderzocht waarlangs „de reis van een migrant naar een volledig burgerschap” voert. Gebaseerd op beleid op de terreinen van langdurig verblijf, toegang tot de arbeidsmarkt, familiehereniging, politieke participatie, naturalisatie en anti-discriminatie stelden de onderzoekers een lijst van landen op die goed presteren of juist nog een lange weg te gaan hebben.

Nederland eindigt als vierde, na Zweden, Portugal en België. Letland eindigt, over de hele linie genomen, onderaan de lijst. Nederland wordt geroemd om de bestrijding van de werkloosheid onder migranten, gelijke toegang tot vakopleidingen, pogingen om de taalachterstand bij migranten te verkleinen, de politieke participatie en bestrijding van discriminatie. Op de terreinen familiehereniging en naturalisatie hoort Nederland tot de middenmoot.

Maar het Nederlands beleid kent ook enkele „zwakke plekken”. De regels voor familiehereniging en naturalisatie blijken vrij streng in Nederland. De Nederlandse arbeidsmarkt is zeer slecht toegankelijk voor migranten. Hier behaalde Nederland de laagste score van alle onderzochte landen.

„Zelfs na vele jaren werken hebben migranten geen gelijke toegang tot de arbeidsmarkt als EU-burgers”, licht Niessen toe na de afloop van de presentatie. Mogen migranten in Zweden bijvoorbeeld bijna in alle sectoren aan de slag net als elke EU-burger, in Nederland worden nog niet genaturaliseerde migranten uitgesloten van bepaalde overheidstaken, zegt hij. En ook moeten ze aan „extra voorwaarden” voldoen willen ze een bedrijf beginnen, terwijl in Zweden een goed ondernemingsplan volstaat.

Joëlle de Poorte, programmamanager bij kennisinstituut Forum, leverde de Nederlandse gegevens aan. Ze vertelt dat migranten vooral in de eerste periode in Nederland beperkingen ondervinden. Als ze eenmaal een verblijfstatus voor onbepaalde termijn hebben, beschikken ze bijna over dezelfde rechten en plichten als autochtonen. De beperkingen gelden volgens haar vooral voor arbeidsmigranten, studenten en asielzoekers. Gekwalificeerde arbeidsmigranten mogen alleen het werk doen waarvoor ze zijn gekomen. Volgens de studie zijn er in Nederland 457.490 migranten afkomstig buiten de EU. Ongeveer 50.000 van hen ondervinden grote beperkingen, meent De Poorte.

Nederland scoort vaak hoog en soms erg laag in de vergelijkende studie. Dat wijt MPG-directeur Jan Niessen aan het ontbreken van een consistent beleid. „Het Nederlandse beleid hangt van incidenten aan elkaar. Na elk incident wordt weer beleid gemaakt of aangepast. Sinds het nieuwe kabinet is de toon ook ineens anders geworden.” Niessen doet beleidsmakers een suggestie als ze de consistentie in het beleid willen bevorderen: „Gewoon je rug recht houden en niet toegeven aan de waan van de dag.”