Honger is een dwingende meester Kilocalorieën zijn niet genoeg

Het is Wereldvoedseldag. Bijna de helft van de wereld kampt met honger of ondervoeding. Wat gebeurt er met een mens die heel lang niets eet?

Honger laat zich even slecht negeren als pijn. Luister maar naar het krijsen van de baby om voedsel. Alsof zijn leven ervan hangt. Luister naar de collega die zeker weet dat ze „nu, en wel nu, een boterham moet eten”. Anders redt ze het niet. Anders krijgt ze een „hypo”. Dat is de koosnaam voor hypoglykemie, een alarmerende daling van de suikerspiegel in het bloed.

Hans Sauerwein, hoogleraar ‘energiestofwisseling’ aan de Universiteit van Amsterdam, kan daar alleen maar om lachen. Het onbeheersbare verlangen na het joggen of bij het zien van die Snickers is niet meer dan trek.

Honger of trek, het lichaam is zo gebouwd dat het wil aanvullen wat het is kwijtgeraakt. Zo’n 250 gram koolhydraten die worden omgezet in glucose. Honderd gram vet. Vijftig gram eiwit. Meer, zegt Sauerwein, heeft het lichaam per dag niet nodig. Vet levert per gram de meeste energie op: 9 kilocalorieën, ruim twee keer zoveel als koolhydraten of eiwit. Vet slaat het lichaam makkelijk en eindeloos op. Maar vet heeft één nadeel: anders dan eiwit kan het niet in glucose worden omgezet.

Dat is lastig omdat simpele suikers in de vorm van glucose voor het grootste deel van het lichaam de favoriete brandstof zijn. Hersens, netvlies en geslachtsklieren willen niks anders. Een reserve aan glucose kan maar in beperkte hoeveelheid worden bewaard. Eiwitten die het lichaam nodig heeft om zich te herstellen, kunnen niet worden opgespaard.

Wat gebeurt er als iemand helemaal stopt met eten?

Stel, je hebt voor het laatst achttien uur geleden gegeten.

Je hebt nu echt honger. Je hele lijf schreeuwt om zijn dagelijkse portie van 250 gram glycose. Zeker de helft daarvan is voor je hersens bestemd. Je voelt je onplezierig, hoogleraar Sauerwein weet dat best. Maar fysiek is er nog niks aan de hand. In de loop van de evolutie hebben je voorouders leren overleven, ook als de jacht slecht was of de oogst karig.

Vervolg HONGER: pagina 11

honger

Kilocalorieën zijn niet genoeg

Vervolg van pagina 1

Een gezonde, weldoorvoede man of vrouw kan makkelijk zestig dagen zonder voedsel. Het lichaam bergt algauw een noodvoorraad van 160.000 kilocalorieën. 85 procent is vet, 14 procent zit als eiwit in spieren, 1 procent is glucose in de vorm van glycogeen.

Die verdeling is niet ideaal. Vet genoeg, maar hersenen accepteren vet niet als brandstof. Glucose willen ze, maar de glucosereserve jaagt een mens er in enkele dagen doorheen. De reserve aan eiwitten kan hij nog omzetten in glucose – ten koste van de spieren. En ook die voorraad is beperkt.

Het lichaam heeft daar een list op verzonnen. Al twaalf uur nadat iemand voor het laatst heeft gegeten, komt een proces op gang waarbij bepaalde vetzuren worden omgezet in nieuwe brandstof. Dat zijn ketonenlichamen, die door de hersenen wel worden aanvaard als vervanging van glucose. Na drie, vier dagen heeft het lichaam zich zo ingesteld op vasten. Zowel de eiwitsynthese als de eiwitafbraak neemt af. Die aanpassing gaat gepaard met klachten. Hoofdpijn. Stekende ogen. Prikkelbaarheid.

En dat is pas het begin. Daarna volgen lusteloosheid en diepe neerslachtigheid. Na een maand lijkt het alsof je jaren ouder bent geworden. Je krijgt overal bruine vlekken. Je huid kleurt vaal en en voelt zo droog als perkament. Dat komt doordat de aanmaak van nieuwe cellen stagneert. Allerlei aandoeningen kunnen je nu plagen, omdat je immuunsysteem niet optimaal meer werkt. Misschien hoopt zich water op in het weefsel en krijg je oedeem.

En nog steeds, zegt Hans Sauerwein, heeft het lichaam geen schade ondervonden. Hij spreekt pas van schade „als er iets kapot is”. Je hoeft alleen maar weer te gaan eten. Met goed en voldoende voedsel herstelt het lichaam nog steeds vanzelf. Dan begint het echt probleem. Want dat geldt niet voor ondervoede kinderen in arme landen, zegt voedingsdeskundige Saskia van der Kam van Artsen zonder Grenzen. Naar schatting 800 miljoen mensen krijgen niet voldoende kilocalorieën binnen. Nog eens twee miljard lijden verborgen honger. Ze hebben gebrek aan essentiële vitaminen en mineralen, zoals ijzer, jodium, zink, vitamine A en foliumzuur. Het gevolg bij kinderen is dat ze achterblijven in ontwikkeling, groei en weerstand. Die achterstand halen ze nooit meer helemaal in.

Een paar maanden zonder voldoende voedsel komen ze wel weer te boven. Als ze daarna genoeg te eten krijgen. Maar ze herstellen nooit volledig. Ze krijgen nooit alle voedingsstoffen die ze nodig hebben. Daarvoor is hun voedsel te eenzijdig, zegt Van der Kam.

Artsen zonder Grenzen behandelde vorig jaar 150.000 ondervoede kinderen in 22 landen. De organisatie pleit voor uitbreiding van het gebruik van Plumpy nut, een pasta op pindabasis, verpakt in folie die alle noodzakelijke eiwitten, suikers, dierlijke vetten, mineralen en vitaminen bevat. Volgens Van der Kam richt voedselhulp zich nog te veel op kilocalorieën. Terwijl voor kinderen veel belangrijker is wat er in het eten zit aan voedingsstoffen en bouwstoffen. Jaarlijks sterven zes miljoen kinderen als gevolg van honger.