De schoonheid van het pasgeboren girafje

Tim Krabbé: Marte Jacobs. Prometheus, 166 blz. € 16,95 ****- Een bijna perfecte novelle’, noemt Pieter Steinz het nieuwe boek van Tim Krabbé. Marthe Jacobs (Prometheus, €16,95) bevat alle grote thema's van Krabbé. Zie pagina 33

Tim Krabbé: Marte Jacobs. Prometheus, 166 blz. € 16,95

De dood en het meisje. Dat is waar het in de meeste boeken van Tim Krabbé om draait. Net als die andere meester van het spannende verhaal, Edgar Allan Poe, is Krabbé gefascineerd door de erotiek van het graf en de romantiek van de jong gestorven schoonheid. Zo ook in Marte Jacobs, zijn bijna perfecte nieuwe novelle. Twee jeugdvrienden getuigen daarin van hun levensveranderende herinneringen aan een mooi jong meisje. De ene, de weinig verkochte dichter Emile Binenbaum, was ooit hopeloos verliefd op haar maar liet de kans op een relatie voorbijgaan. De andere, de succesauteur Willem Reiff, werd na een onbevredigende affaire van 85 dagen door haar op de meest bruuske manier verlaten: Marte maakte het uit en verhing zich. Hij schreef er 35 jaar later een roman over, onder de titel Een Meisje uit mijn Jeugd, waarvan de kernzin als volgt geparafraseerd wordt: ‘Een vrouw te hebben omhelsd op de dag van haar dood, terwijl zij misschien al van die dood wist, was een onuitstaanbaar raadsel dat hem nooit had losgelaten.’

Emile had Marte ontmoet toen hij een feest van zijn ouders ontvluchtte om te gaan voetballen in de duinen. Met haar, het ranke meisje dat hij in gedachten tot het Pasgeboren Girafje doopt, beleeft hij een geluksmoment, dat hij een jaar later weet te herhalen wanneer zij in zijn examenjaar bij hem op school komt. Daarna verliest hij haar uit het oog, om haar nog één keer te zien, vier jaar later. Het lijkt eindelijk wat te worden tussen hem en Marte, maar op het moment suprême pakt Reiff haar van hem af. Deze traumatische gebeurtenis, die Emile zijn leven lang zal achtervolgen, wordt door Krabbé uitzonderlijk spannend beschreven.

Vaak is opgemerkt dat Krabbé als geen ander het Geluk kan beschrijven, en dat wordt in Marte Jacobs keer op keer gedemonstreerd. Maar wat in de novelle de meeste indruk maakt is de beschrijving van Emiles wording tot dichter, en de manier waarop hij zich na 35 jaar met het verlies en de dood van Marte verzoent – en zich neerlegt bij zijn roeping als dichter. ‘Hij had gedacht dat de goden hém hadden aangeraakt, om hem dichter te maken. Maar ze hadden Marte en hem samen aangeraakt, om samen iets te zijn […] Zolang hij gedichten schreef, waren ze samen.’

Er zullen mensen zijn voor wie deze laatste zin sentimenteel lijkt. Maar de 160 pagina’s die eraan vooraf gaan maken de zin waar. Er zijn ongetwijfeld ook mensen die helemaal niets zien in de boeken van Tim Krabbé. Dat moet wel, want op de Diepzeeprijs en de Gouden Strop na heeft hij nog nooit een literaire onderscheiding gehad. Gelukkig wordt de jury’s van Nederland (en Vlaanderen) met Marte Jacobs opnieuw een kans geboden om dit literaire onrecht ongedaan te maken.

Pieter Steinz