Vader van gedode Irakees eist vervolging

De vader van een gedode Irakese burger wil dat een Nederlandse militair – die in 2004 betrokken was bij het dodelijke schietincident in Irak – alsnog wordt vervolgd. Het Openbaar Ministerie (OM) heeft de zaak eerder geseponeerd.

Het is de eerste keer dat een nabestaande van een burgerdode in het buitenland aandringt op strafvervolging van een Nederlandse militair die op missie was.

Op verzoek van de vader van het slachtoffer heeft de Amsterdamse advocaat Liesbeth Zegveld het gerechtshof in Arnhem – alle strafzaken tegen militairen worden door de militaire rechtbank en het OM in Arnhem behandeld – gevraagd de militair te vervolgen. Volgens Zegveld is er sprake van een oorlogsmisdrijf.

De 29-jarige Azhar Sabah Jaloud was in de nacht van 21 april 2004 met een vriend op weg naar zijn bruid in Al Muthanna. Nederlandse militairen hadden in de buurt van de Irakese stad een wegversperring opgericht met het doel passerende auto’s te controleren. Deze militaire wegversperring was nauwelijks verlicht. Jalouds vriend reed op de onverlichte woestijnweg tegen de wegblokkade. De auto reed daarna zwabberend door en werd door Irakese politie en Nederlandse militairen onder vuur genomen.

Het OM heeft de zaak in 2004 bestudeerd en afgezien van strafvervolging omdat Jaloud „vermoedelijk” zou zijn getroffen door een Irakese kogel. De Nederlandse militair die ook op de auto had geschoten, bevond zich volgens het OM in een noodweersituatie.

Volgens advocaat Zegveld is de zaak nooit goed onderzocht. Zij bestrijdt dat er sprake kan zijn geweest van een noodweersituatie. Zo blijkt uit verklaringen van getuigen dat de auto de controlepost al was gepasseerd en vanuit de auto werd niet geschoten. Later bleek dat er in de auto ook geen wapens zijn gevonden. Uit getuigenverklaringen blijkt ook dat er 28 keer op de auto is geschoten. Een bevel van de sergeant ‘stop vuren’ werd door de Nederlandse militair niet opgevolgd. De stelling van de officier van justitie dat Jaloud vermoedelijk door een Irakese kogel om het leven is gekomen, wordt door het dossier niet gerechtvaardigd, aldus advocaat Zegveld. Bovendien is de verklaring van de bestuurder die het ongeluk overleefde, niet aan het dossier toegevoegd. Hij zou tegenover de Irakese politie hebben verklaard dat Jaloud door zes Nederlandse kogels is getroffen. Ook zei hij dat de aanwezige tolk er bij hem op heeft aangedrongen te verklaren dat de Irakese politie en niet de Nederlandse soldaten de dodelijke schoten hebben gelost.