Strekdam

Het leek erop dat we gisteren de laatste mooie zondag van het jaar hadden. Dat betekende: erop uit „nu het nog kan”. Maar buiten loerden volle treinen, volle verkeerswegen en volle terrassen. De grote vraag was of we in de wereldstad Amsterdam een vorm van natuurbeleving konden ondergaan die te vergelijken was met de bekende natuurbelevingen in bos, hei en duin.

„De strekdam”, zei mijn vrouw.

Het bleek, ik geef het ruiterlijk toe, een geniale ingeving. De strekdam is gelegen bij de nieuwe, nog in opbouw zijnde wijk IJburg aan het IJmeer ten oosten van Amsterdam. Hij ligt evenwijdig aan de Enneüs Heermabrug en is te bereiken door bij het tankstation onderaan de brug af te slaan. Er staat een bordje ‘Verboden toegang’ bij de ingang, maar dat kan u, net als de andere wandelaars, toevallig ontgaan.

Als een gekromde wijsvinger strekt de dam zich in het IJmeer uit. Hij is 2,5 kilometer lang, maar hij lijkt langer omdat hij smal is en het lopen soms bemoeilijkt wordt door struikgewas dat het enige pad overwoekert. Onder deze dam liep vroeger de riolering van Amsterdam, wat een besef van bescheidenheid geeft.

Het wonderbaarlijke van de strekdam is het contrast met de omgeving. Daarin domineert de auto: overal zijn snelwegen en tunnels die auto’s inslikken en uitspugen. Aan het begin van de dam hoor je die auto’s ook nog duidelijk in de verte. Maar langzamerhand wordt het stiller en halverwege de dam is het of je in Gods handpalm bent beland.

Boven je de egaal blauwe hemel met die dappere oktoberzon die maar niet wil sterven, rechts over het water het uitzicht op de contouren van IJburg, links de witte poppenhuisjes aan de dijk van Durgerdam en de stompe toren van Ransdorp. En jij maar lopen, nauwelijks gehinderd door andere wandelaars – ongeveer twintig in twee uur.

Het eindpunt is een kleine, rode vuurtoren, bij twee strookjes schelpenstrand. Daar mag je je helemaal in het blauwe goud van het IJmeer verliezen en staren naar het eilandje Pampus of de vage kustlijn met Almere en Muiden.

Tot zover het goede nieuws van deze zondag.

Het slechte nieuws kwam uit de mond van een jongeman die er voor een stadskrant foto’s stond te maken. „Straks kan het niet meer”, zei hij. Hij legde ons uit dat de dam binnenkort in tweeën wordt gehakt. Het gemeentebestuur wil een vrije doorgang maken voor de beroeps- en de pleziervaart. Het tweede, langste deel zal daarna alleen nog maar toegankelijk zijn voor vogels.

Ik heb het later nagekeken: die fotograaf had gelijk. Voor de wandelaar bestaat de strekdam straks niet meer. De dam houdt al snel op en de wandelaar mag loeren naar de plezierjachten die hem de pas afsnijden.

Weer een stukje schitterend Amsterdam minder.

Ik las dat de wethouders van Almere en Amsterdam nog veel meer drastische plannen met dat prachtige IJmeer hebben. Er moeten tienduizenden woningen in het water gebouwd worden. En minister Eurlings zou een railverbinding door het meer ook wel leuk vinden.

Het gaat ongetwijfeld allemaal gebeuren. Wethouders en ministers hou je zelden tegen.