Engelse rugbyers schamen zich nergens voor

Engeland en Zuid-Afrika gaan zaterdag in het Stade France van Parijs op herhaling in de finale van het WK rugby. In het onderlinge groepsduel bleken de Boks vorige maand oppermachtig: 36-0.

Al weken was hij het mikpunt van de critici. Niet alleen in eigen land moest Brian Ashton het bezuren, vooral ook daarbuiten gold de bondscoach van de Engelse rugbyers als een meelijwekkende figuur. Zijn ploeg was geen schim meer van de kampioensformatie van vier jaar geleden. En wat erger was: het spel deed pijn aan de ogen. Machtig in de scrum, door een overdaad aan kilo’s bij de voorwaartsen, maar verder was het vooral hopen op een bevlieging van het ‘schopwonder’ Jonny Wilkinson. Als die fit zou blijven, want ook dat was nog maar de vraag.

Zaterdag, na afloop van de zwaarbevochten overwinning op en in Frankrijk (9-14), was het de beurt aan Ashton (61) om een lange neus te trekken. Hij deed het met verve, en richtte zich in zijn nabeschouwing vooral tot zijn critici uit Australië en Nieuw Zeeland. „Wat ze ook mogen zeggen en beweren, ik durf te wedden dat ze aan de andere kant van de wereld graag met me zouden willen ruilen”, sprak Ashton met een cynische grijns. Niet het vooraf vele malen hoger aangeslagen Australië of Nieuw Zeeland staat immers in de finale van het zesde wereldkampioenschap rugby, maar het door vele ‘kenners’ reeds afgeschreven Engeland, dat vorige week zaterdag vriend en vijand al had verbaasd met een zege (12-10) op Australië.

Toch bekende ook Ashton dat hij enigszins met stomheid geslagen is door de veerkracht van zijn ploeg. Nog geen maand geleden, in de groepswedstrijd tegen Zuid-Afrika, ging zijn formatie roemloos ten onder: 0-36. Met de krachtmeting tegen het taaie Australië in het vooruitzicht, in de kwartfinales, hield nog slechts de allergrootste optimist rekening met een wederopstanding van The Red Rose. Bij de bookmakers stond de aan lager wal geraakte titelverdediger, afgegleden naar de zesde plaats op de wereldranglijst, op dezelfde hoogte als de spierbundels uit Tonga en Samoa.

Maar Engeland heeft Jonny Wilkinson, en schroomt niet om het wapen optimaal uit te buiten nu de 28-jarige flyhalf van de Newcastle Falcons eindelijk weer volledig fit is. Rugby is meer dan a kicking game, waarbij de bal slechts tussen de palen wordt geschoten. Dat beseft ook Ashton, maar: „We spelen simpelweg naar onze mogelijkheden.” Dat zinnetje herhaalde hij de afgelopen weken tot vervelens toe. Voor het enerverende running rugby zoals Nieuw Zeeland en in mindere mate Australië dat spelen, heeft hij én de spelers én het vertrouwen niet. En voor an ugly win schaamt de oud-coach van Bath zich al helemaal niet, na de bedroevende oefencampagne in de aanloop naar het WK. Daarin verloor zijn ploeg onder meer twee keer van Frankrijk.

Tegen de toplanden scoorde Engeland in de afgelopen vier jaar slechts zeven tries. Ter vergelijking: tot dat aantal kwam Drew Mitchell in zijn eentje voor Nieuw Zeeland tijdens dit WK. Zaterdag, in het prestigeduel tegen erfvijand Frankrijk, lachte het geluk de Engelsen toe in het uitverkochte Stade de France (80.000 toeschouwers). Binnen twee minuten drukte Josh Lewsey de bal achter de lijnen – de snelste try (vijf punten) ooit gemaakt bij een WK – na een beoordelingsfout van een van de Franse verdedigers. Wilkinson slaagde er echter niet in de conversie te benutten. De thuisploeg, vorige week verantwoordelijk voor de uitschakeling van topfavoriet Nieuw Zeeland, sloeg nog voor rust terug door twee rake strafschoppen van Lionel Beauxis.

In de slotfase maakte Wilkinson alsnog het verschil. Hij schopte Engeland in de laatste vijf minuten met een rake penaltykick en een dropgoal naar de finale van komende zaterdag, waarin Zuid-Afrika de tegenstander is. Meedogenloos straften de Springboks gisteravond de fouten af van Argentinië: 37-13. Zuid-Afrika won twaalf jaar geleden de wereldtitel voor eigen publiek.

De eindstrijd belooft zaterdag vooral een strijd te worden tussen de trapspecialisten Jonny Wilkinson en zijn Zuid-Afrikaanse evenknie Percy Montgomery. De laatste scoorde gisteravond in de halve eindstrijd tegen de oververhitte Argentijnen zeven uit zeven, en is topscorer van het toernooi.

Zijn spiegelbeeld Wilkinson, bijgenaamd Wilko en Golden Boot, werd gisteren in de Engelse pers omstandig geprezen als „de man die opnieuw het verschil weet te maken”. Vier jaar geleden schoot hij Engeland in de blessuretijd naar ’s lands eerste wereldtitel in een teamsport, sinds de thuisoverwinning van de nationale voetbalploeg in 1966.

Dat laatste scenario had Frankrijk ditmaal voor ogen, en daarmee zouden Les Bleus in de voetsporen treden van voetballers, die negen jaar geleden onder leiding van Zinedine Zidane de wereldtitel wonnen in eigen land. Na de voor onmogelijk gehouden zege op Nieuw Zeeland (20-18) in de kwartfinales was het vertrouwen groot. Zaterdag bleek de ploeg van afzwaaiend bondscoach Bernard Laporte echter opgebrand. „We waren te snel door onze energievoorraad heen”, constateerde de laatste, nadat voor de derde opeenvolgende keer de halve finales het eindpunt was gebleken voor de Fransen.