De zwijnen liggen de hele dag fijn te snurken

Jagers mogen meer zwijnen schieten. De dieren laten zich echter niet lokken.

Daarom zouden jagers aan drukjacht willen doen, maar dat mag niet.

Geen zwijn te bekennen. „Stilte alom”, constateert Berend te Hennepe in zijn hoogzit. De 43-jarige jager heeft geruisloze kleding aangetrokken en een groene pet opgezet. Hij heeft het enkelloops kogelgeweer geladen. Het wapen ligt op een dwarsbalkje van de hut, van waaruit hij een goed zicht heeft op de lokvoerplaats, een open plek in het bos.

Enkele uren geleden heeft broer John maïs gestrooid om de varkens te lokken. John heeft Berend vanuit de ouderlijke woning in Eerbeek jagersgeluk toegewenst, weidmansheil.

Het bos is stil. De avond valt op landgoed Grootmoeshul tussen Loenen en Eerbeek, in de zuidoosthoek van de Veluwe. Het wachten is op een brekend takje dat de nadering van een zwijn aankondigt. Of op een zwarte schaduw in het schemerduister.

Te Hennepe: „Als je hier lang zit en het wordt donker, dan is het soms net of de struiken gaan bewegen. Dan zie je een silhouet van een boom soms aan voor een naderend varken.”

De vogels zwijgen. De bosuil laat zich niet horen. Voor de nachtzwaluw is het te laat in het jaar. Het gebrul van de hertenbronst was tot vorige week te horen. En pas over enkele maanden gaan de vossen keffen.

De wind staat gunstig. Een noordwestelijke bries blaast de geur van de jager van de lokplaats af. Zodat de varkens daardoor niet worden afgeschrikt. „Varkens kunnen slecht zien, maar ruiken doen ze heel goed”, zegt Te Hennepe. „Een ouder varken, een keiler, wandelt vaak om het lokvoer heen, ruikt dan aan alle kanten, gromt als hij zijn vijand heeft geroken, en gaat weer weg.”

De wind is goed. Maar de varkens komen niet.

De Vereniging Wildbeheer Veluwe heeft onlangs een ontheffing gekregen van de provincie Gelderland voor de drukjacht op wilde zwijnen. Dit om méér zwijnen te kunnen afschieten. Normaal gesproken worden zwijnen geschoten vanuit de dekking.

De jager wacht tot het zwijn zich laat zien en legt aan voor een dodelijk schot. Maar sinds begin september, toen de eikels en beukennootjes zijn gevallen, laten de zwijnen zich niet meer lokken. Het blijkt opnieuw een goed mastjaar, er zijn eikels en beukennootjes in overvloed.

„De varkens liggen de hele dag te snurken”, zegt secretaris Gerrit-Jan Spek van de Vereniging Wildbeheer Veluwe. Bij de drukjacht werken twee jagers samen, legt de provincie Gelderland uit. „Eén stimuleert de wilde zwijnen hun dekking te verlaten, bijvoorbeeld door rustig door het struikgewas en bossen te lopen. De ander, de jager, staat klaar om vanaf een laag platform de zwijnen af te schieten.

Deze methode wordt bij daglicht gebruikt. De essentie van deze methode is dat niet het hele gebied verontrust wordt, maar dat de wilde zwijnen zich rustig verplaatsen en zo langs de jager lopen.”

De drukjacht kan voor de familie Te Hennepe zijn nut bewijzen. Berend te Hennepe: „Het zou ons wel helpen. Mijn broer zou in de struiken gaan staan en ik zou kunnen schieten.” Niet dat we alles van de drukjacht moeten verwachten, zegt Gerrit-Jan Spek. „We hebben er in Nederland nog weinig ervaring mee.”

De jagers zullen er in elk geval véél minder zwijnen mee kunnen afschieten dan in een drijfjacht, waarbij meerdere mensen de rotten opjagen.

Maar deze drijfjacht is een paar jaar geleden afgeschaft in Nederland. Minister Verburg (LNV, CDA) is het eens met de ontheffing, maar werd vorige week teruggefloten door een meerderheid in de Tweede Kamer. Die wenst geen drukjacht.

Ecologen hebben bepaald dat op de Veluwe plaats is voor ruim achthonderd wilde zwijnen. Het zijn er veel meer. Er lopen volgens de wildbeheereenheid ongeveer zesduizend zwijnen rond. Er wordt geklaagd door campings en tuineigenaren, die hun grond omgewoeld zien worden door varkens die ’s nachts op zoek gaan naar larven van de langpootmug, de zogenoemde engerlingen. De zwijnen hebben de bebouwde kom van Epe bereikt.

Eerder besloot een bungalowpark in de omgeving van Eerbeek, Coldenhove, niet langer reclame te maken voor de aanwezigheid van zwijnen maar het terrein te omheinen.

De Veluwse jagers hebben dit jaar 2.500 varkens geschoten, een „historisch hoog aantal”, maar nog altijd veel te weinig om de wildstand tot achthonderd terug te brengen. Maatregelen zijn vereist, vinden de jagers.

De Dierenbescherming vindt de drukjacht niettemin „onacceptabel” en noemt de drukjacht net als de drijfjacht een „wrede manier van jagen”.

De Faunabescherming, die opkomt voor in het wild levende dieren, vindt de drukjacht ongewenst, „aangezien er wordt gesuggereerd dat met deze methode de wilde zwijnen met één schot zullen worden gedood, maar uit de praktijk in Duitsland blijkt dat er op deze manier regelmatig dieren niet direct dodelijk zullen worden getroffen waardoor veel leed wordt veroorzaakt”.

De Partij voor de Dieren noemt de plannen om de drukjacht toe te staan „ongehoord” en ingegeven door de kleine jagerslobby. „Maar dan hebben we het wel over hof, adel en de top van het bedrijfsleven.”

Het is bijna donker. Te Hennepe ontlaadt zijn geweer en klimt van de jachthut naar beneden. „Nu nog schieten zou onverantwoord zijn”, zegt hij.

Je zou een restlichtkijker kunnen gebruiken om ook in een maanloze nacht de varkens te kunnen raken. Maar dat is verboden. „Een jager die zich daarvan bedient, wordt gezien als iemand die de omstandigheden in het voordeel van de jager afbuigt.” Vals spel dus.

De jager loopt in de duisternis terug naar de auto. Hij vertelt wat hij gedaan zou hebben als hij buit zou hebben gemaakt. Hij zou het varken met een mes hebben opengesneden en de ingewanden eruit hebben gehaald. Ontweiden wordt dat genoemd.

De ingewanden blijven liggen in het bos. Het zwijn zou hij in de kofferbak hebben meegenomen naar huis, om het daar, in de garage, zelf te slachten.

Maar het is niet gebeurd. De zwijnen hebben zich niet laten zien. Ze liggen onder de eiken en de beuken, volgevreten.