Wereld schiet economie VS te hulp

De Verenigde Staten zijn down, maar de wereld is niet out.

Dat is wat de uitgelekte voorspellingen van het Internationale Monetaire Fonds voor 2008 zouden inhouden. Naar verluidt zou het IMF zijn verwachting van de Amerikaanse economische groei voor volgend jaar van 2,8 procent naar 1,9 procent hebben teruggedraaid. Maar de voorspelling van het IMF voor de mondiale groei zou maar een klein beetje zijn teruggeschroefd, van 5,2 procent naar 4,8 procent.

Het feit dat het de wereld economisch voor de wind kan gaan als de Verenigde Staten door een groeivertraging worden getroffen - een verschijnsel dat economen ‘ontkoppeling’ noemen - wijst op een minder geprononceerde rol van de Verenigde Staten in de wereldeconomie.

Maar er is nog een boodschap. De zeepbel op de Amerikaanse huizenmarkt is op een goed moment gebarsten.

In 2001 - de vorige keer dat de VS met een recessie flirtten - werd de strijd tegen de recessie grotendeels gevoerd door die ene economie die vlak daarvoor als ‘miraculeus’ was omschreven.

De wereld vloog toen op één motor - de Amerikaanse economie - die door één groep consumenten steeds maar weer van brandstof werd voorzien - de nooit versagende Amerikanen.

De reddingsoperatie was ook van Amerikaanse snit: een ultrasoepel monetair beleid dat tot een zeepbel op de huizenmarkt zou leiden. Zonder dat beleid zouden de Amerikaanse en de wereldeconomie ongetwijfeld in het slop zijn geraakt.

Maar nu is alles anders. De hongerige consumenten wonen tegenwoordig in China en India, waar de inwoners voor het eerst iets te besteden hebben.

De stimulans die daarvan uitgaat voor de mondiale groei is enorm. Het IMF heeft zijn voorspelling van de Chinese economische groei in 2008 enigszins omlaag gebracht, maar slechts van 10,5 naar 10 procent. Hogere grondstofprijzen hebben de groei in andere ontwikkelingslanden aangezwengeld, net zoals in Canada en Australië.

Intussen is de dollar flink in waarde gedaald, niet alleen ten opzichte van de euro maar ook ten opzichte van de munten van opkomende economieën. De vaste wisselkoers met de dollar wordt bijna overal doorbroken, behalve in China. De impuls voor de concurrentiekracht die val van de dollar teweegbrengt, voedt de Amerikaanse export en versterkt de Amerikaanse groei. De Verenigde Staten profiteren van de ontkoppelde wereld.

Het gevolg is dat de Verenigde Staten wellicht geluk hebben. Als het land genoeg weet te exporteren om de scherpe daling van de huizenbouw en daaraan verwante sectoren te compenseren, kan het misschien aan een recessie ontsnappen.

Ian Campbell