Reine- claudestaart

400 g pruimen: reine claudes200 g bloemsnufje zout75 g suiker150 g ijskoude boter2 eidooiersca. 2 eetl. ijskoud water50 g blanke hazelnoten4 eetl. vers geperst sinaasappelsap400 ml Griekse yoghurt3 eetl. poedersuiker of vloeibare honing

Reine claudes zijn vrij kleine, geurige pruimpjes met een groene schil en geel-groen vruchtvlees. Snijd ze in de lengte doormidden en verwijder de pit en bij voorkeur ook de schil. Rooster de hazelnoten in een koekenpan met antiaanbaklaag lichtbruin. Schep de noten uit de pan.

Snijd de koude boter in blokjes. Zeef de bloem boven een kom. Voeg het zout, de suiker en eidooiers toe. Snijd met twee messen de boter door de bloem. Kneed het snel tot deeg en voeg lepel voor lepel ijskoud water toe tot het deeg een samenhangende bal is geworden. Verpak de bal deeg in huishoudfolie en laat een uur in de koelkast rusten. Dit deeg kan ook met behulp van een keukenmachine worden gemaakt.

Rol het deeg uit en bedek de bodem en zijkanten van een lage bakvorm met een middellijn van circa 24 centimeter met het deeg. Prik hier en daar met een vork gaatjes in het deeg. Leg een vel bakpapier op het deeg en leg er gewichtjes of een laag gedroogde peulvruchten op. Bak het deeg circa 10 minuten ‘blind’ in een voorverwarmde oven van 190 graden.

Verwijder het bakpapier en bak de taartbodem nog een minuut of tien tot het deeg goudbruin van kleur is. Laat afkoelen.

Klop met een garde of handmixer de dikke yoghurt met het sinaasappelsap en de suiker of honing. Verdeel de yoghurt over de taartbodem. Leg de reine claudes met de bolle kant naar boven op de yoghurt. Bestrooi de taart met hazelnoten en snijd hem in punten.

Anne Scheepmaker