‘Opvoeden mag niet’

Jacqueline Kuijpers

Rob Knoppert. Foto Freddy rikken 8/10/2007 Foto Freddy Rikken Rob Knoppert Vlijmen Rikken, Freddy

Rob Knoppert (1938) werkte 23 jaar als leraar natuurkunde en was van 1989 tot 1997 als columnist een vast gezicht op deze onderwijspagina. Onlangs verscheen van zijn hand het boekje ‘Edutopia’ waarin hij zijn gedachten over onderwijs beschrijft. Hij ergert zich aan het publieke debat dat nu gevoerd wordt. “Het gaat alleen maar over hóe we het onderwijs moeten inrichten. Niemand is bezig met de fundamentele vraag: waarom moeten kinderen naar school?”

Waarom is die ‘waarom-vraag’ belangrijk?

“Toen ik zelf 15 was vond ik het niet leuk op school en vroeg ik mij af: waarom zit ik hier? Die vraag heeft mij nooit meer losgelaten. Want je kunt de vraag wat goed onderwijs is pas beantwoorden als je het er samen over eens bent welke doelstellingen je nastreeft.”

Wat zijn die doelstellingen dan?

“Onderwijs moet aansluiten bij de natuurlijke ontwikkeling die jonge mensen naar volwassenheid doormaken. Het gaat om hun persoonlijke ontplooiing (vorming) én om voorbereiding op hun rol in de samenleving (socialisering). Het derde doel is selectie: een oordeel over de kennis en vaardigheden van leerlingen.”

Voldoet het Nederlands onderwijs daaraan?

“Nee. Ik zie geen brede ontplooiing, alleen het keurslijf van het curriculum, gevoed door de exameneisen. De socialisatie ontbreekt. In de Nederlandse grondwet wordt er met geen woord over gerept. Met opzet. Want een antwoord zou in strijd zijn met het idee van de zo geprezen onderwijsvrijheid.”

Art 23 van de Grondwet staat de socialisatie in de weg?

“Ja. Dankzij dit artikel hebben we openbare en bijzondere scholen. Socialisering, opvoeden, is alleen mogelijk vanuit een zeker waardensysteem van de opvoeder. Het openbaar onderwijs is neutraal, oftewel waardenvrij, en moet zich hierin dus terughoudend opstellen. De bijzondere scholen hebben van oudsher wel zo’n waardensysteem, maar de laatste 50 jaar is Nederland grotendeels gedeconfessionaliseerd, met als gevolg dat schoolleiders en leraren het wel uit hun hoofd laten om met verwijzing naar de Bijbel de opvoeding van hun leerlingen ter hand te nemen.”

Kortom: er is iets grondig mis met het Nederlands onderwijs?

“Het is niet slechter dan tien of twintig jaar geleden. Het onderwijs is in een bepaalde groef terecht gekomen en blijven hangen. Niemand vraagt zich af of het de juiste groef is. Dáár zou het debat over moeten gaan. Ik wéét dat we niet in de juiste groef zitten. Een voorbeeld: de afgelopen 50 jaar is de tijd dat een kind op school zit toegenomen van tien tot gemiddeld zeventien jaar. Daar worden nooit vragen bij gesteld. We denken alleen na over nóg langere leerplicht om een startkwalificatie (een mbo2-diploma) te halen. Maar van de mensen van mijn generatie heeft meer dan de helft geen startkwalificatie. En toch hebben we met zijn allen iets heel aardigs opgebouwd.”

Hoe ziet uw ideaal onderwijsstelsel, uw Edutopia, er uit?

“In Edutopia kennen we vier soorten scholen voor de verschillende leeftijdsgroepen: kleuterschool, basisschool, juniorschool, seniorschool. Op die scholen zitten alle soorten leerlingen, ongeacht hun aanleg. Het curriculum omvat vijf aandachtsgebieden: het ik (met onderdelen als filosofie en expressieve vakken), de naaste (sport en psychologie), de samenleving (met onderdelen als geschiedenis, recht), tijd en plaats (aardrijkskunde, archeologie) en gereedschappen (geletterdheid, wetenschappen, technieken). In Edutopia bestaan geen eindexamens. Leerlingen leggen hun vorderingen vast in een portfolio. Om de kwaliteit te bewaken is er een intensief inspectiesysteem. Uitgangspunt voor het leren zijn de interesse en passie van het kind.”

Daarmee wordt u weggezet als exponent van ‘het nieuwe leren’.

“Ik zie veel goede dingen in het nieuwe leren. De aandacht voor de passie van het kind bijvoorbeeld. Ik had vroeger ook geen zin in leren, tot ik een werkstuk mocht schrijven over de industriële revolutie. Toen heb ik me uit de naad gewerkt. Maar ik zie ook de waardevolle dingen van het klassikale les geven, joint attention, verhalen vertellen. Er zullen altijd jongeren zijn die gepassioneerd niets willen doen, maar met goede leraren en gestuurde vrijheid om de leerstof te kiezen, gaan ze leren. En belangrijker dan wát er wordt geleerd is dát er wordt geleerd.”

U schrijft dat Edutopia een onbereikbaar ideaal is. Wat hoopt u wel te bereiken?

Lacht. “Ik wil de wereld verbeteren, natuurlijk! Nee, ik heb een vergezicht geschetst dat richting kan geven aan die dingen die men op dit moment doet. Laat de critici er maar gaten inschieten. Dan komen we verder!”

‘Edutopia’ (serie MESO focus)Uitg. Kluwer, ISBN 978901304768425 euro / www.robknoppert.nl