Hof Tunesië: verbod hejab ongrondwettig

Een administratief hof in Tunesië heeft bepaald dat een wet die vrouwen verbiedt de islamitische hoofddoek te dragen in regeringskantoren en in andere publieke plaatsen zoals scholen, ongrondwettig is.

Dat is gisteren bekend geworden. Officiële Tunesische media en instanties bewaarden vandaag nog het stilzwijgen over de opmerkelijke uitspraak. Maar een Tunesische advocaat, Abdel-Raouf al-Ayyadi, zei gisteren volgens de internetsite Islamtoday (www.islamtoday.net) dat het hof deze uitspraak had gedaan in de zaak van Saida Adalah, een docente die door haar schoolbestuur was geschorst omdat ze de hejab wilde dragen. De schorsing was opgeheven.

„De uitspraak vormt een zeldzame positieve bladzijde in de annalen van de Tunesische rechterlijke macht”, zei de advocaat. Ook het hoofd van de verboden Tunesische organisatie Vrijheid en Gerechtigheid, Mohammed al-Nouri, meldde de uitspraak tegenover het Duitse persbureau DPA.

Het verbod op de hoofddoek in scholen of regeringskantoren – vergelijkbaar met dat in Turkije – dateert uit de jaren tachtig. In 1981 verbood de toenmalige president Bourguiba vrouwen de hejab in regeringskantoren te dragen. In latere jaren werden nog diverse wetten doorgevoerd die het dragen van islamitisch kleding verder beperkten.

Vorig jaar lanceerden de autoriteiten een campagne om het hejab-verbod, dat was gaan rafelen, weer harder toe te passen. Ook op straat werden gehoofddoekte vrouwen door de politie aangehouden. President Zine al-Abidine Ben Ali omschreef de hoofddoek als een sektarische kledingwijze die ongenood naar Tunesië was gekomen. Andere functionarissen brandmerkten hoofddoekdraagsters als mensen die de godsdienst gebruiken voor politieke doeleinden.

Het schoolbestuur had zijn besluit om docente Saida Adalah te schorsen gebaseerd op wet 102 uit 1986 die de hejab brandmerkt als een teken van extremisme en daarom verbiedt. Volgens het hof echter schendt deze wet de grondwettelijke rechten van de burger, zoals de vrijheid van godsdienst.

Volgens advocaat Ayyadi zal de uitspraak vergaande wettelijke en politieke consequenties hebben. Vrijheid en Gerechtigheid riep de autoriteiten op „zich publiekelijk te verontschuldigen tegenover duizenden gesluierde vrouwen en meisjes”. Maar waarnemers verwachten dat de regering zich met hand en tand tegen versoepeling van het verbod zal verzetten.