Geheim (3)

Tobias en Henriette zijn heel boos op Rintje omdat hij zijn geheim niet wil vertellen. Als HeRiTo mag je geen geheimen voor elkaar hebben.

Rintje bewaart zijn geheim in het HeRiTo-clubhuis. Op de deur heeft hij een bordje gehangen; ‘Verboden Toegang! Levensgevaarlijk!’

Tobias heeft een plan bedacht. Vannacht gaat hij bij Henriette logeren en als iedereen slaapt sluipen ze samen naar het HeRiTo-clubhuis om het geheim te bekijken.

„Ik ben moe”, zegt Henriette na het avondeten. „Ik kruip vanavond eens lekker vroeg in mijn mandje.”

„Maar Tobias is er”, zegt haar moeder. „Anders wil je nooit zo vroeg naar bed.”

Henriette geeft Tobias een knipoog. „Ik ben ook uitgeteld”, zegt Tobias en hij doet alsof hij gaapt.

„Nou dan moeten jullie maar naar jullie mandjes gaan”, zegt de moeder van Henriette.

„Zo, nu kunnen we goed ons plan bespreken”, zegt Tobias als hij en Henriette even later ieder in een mand liggen.

„Ik vind het toch wel spannend”, fluistert Henriette. „Je moet wel dicht bij me blijven in het donker hoor, anders word ik heel erg bang.”

„Als je moeder slaapt gaan we heel zachtjes naar beneden”, zegt Tobias.

Een hele tijd later horen ze de moeder van Henriette naar bed gaan.

„Nu!” zegt Tobias als het stil is. Buiten zien ze bijna niks, zo donker is het overal.

„Daar is een straatlantaarn”, zegt Tobias. „Die kant moeten we op!”

„Alles ziet er zo anders uit”, zegt Henriette. „Ik vind het eng!”

„Niet aanstellen”, zegt Tobias. „Loop maar achter mij aan. We willen toch het grote geheim ontdekken?”

„Daar is Rintjes huis!” zegt Henriette. „We moeten het paadje achterom nemen”, zegt Tobias. „Dan komen we in Rintjes tuin.”

„Zou het echt niet levensgevaarlijk zijn?” vraagt Henriette als ze voor het clubhuis staan.

„Nee, natuurlijk niet”, zegt Tobias. „Dat heeft Rintje maar verzonnen zodat niemand naar binnen durft.”

„We kunnen toch eerst door het raampje kijken?” vraagt Henriette.

“Het raam zit veel te hoog”, zegt Tobias.

“Daar liggen een paar emmers”, zegt Henriette. „Als we daar samen opklimmen, kan jij door het raampje kijken.”

Als Henriette op de emmers staat springt Tobias op haar rug en gaat op zijn achterpoten tegen het raam staan.

„En?” vraagt Henriette. “Zie je iets?”

„Het is te donker”, zegt Tobias. Maar dan schuift er een wolk voor de maan weg en valt er licht in het clubhuis naar binnen.

„HELP!” schreeuwt Tobias. Hij begint te wankelen en valt naar beneden. Ook Henriette valt van de emmers. „Wat is er?” vraagt ze geschrokken.

„Er staat een groot monster!” schreeuwt Tobias. „Snel, we moeten ervandoor!”

Ineens gaan er allemaal lichten aan in het huis van Rintje.

(Wordt vervolgd)

www.rintje.nl