Ezels veroorzaken cactusraadsel

Dit verhaal gaat over cactussen. En over ezels. Die veel slimmer zijn dan mensen denken. Het speelt zich af in Chili.

In het noorden van Chili liggen de bergen van de Andes. Hun toppen zijn vijf en soms zelfs zes kilometer hoog. De dalen ertussen zijn kurkdroog.

Planten groeien alleen hoog op de hellingen. Daar zie je taai gras, dorre stekelplanten en cactussen van wel negen meter. Daartussen zwerven lama’s en wilde ezels. Ze kauwen op het harde gras.

Het regent hier boven wel, maar niet erg vaak: alleen in januari en februari, en soms in september. De planten moeten dus zuinig zijn met water, en ze groeien langzaam. De cactussen doen er een paar honderd jaar over om zo groot te worden. Daarom worden ze beschermd. Grote cactussen mogen niet zomaar worden omgehakt.

Toen er drie jaar geleden een brede weg op zo’n helling moest worden aangelegd, kwam er dus eerst een hijskraan. Die tilde alle cactussen op die in de weg stonden, en zette ze op een veilige plek weer in de grond.

Daarna kwam elke week een bioloog de verhuisde cactussen extra water geven. Maar al snel was een heel stel cactussen toch omgevallen. Hun wortels waren weg. En hun zachte binnenkant, met veel water, was van onderaf weg geknabbeld.

Het duurde een tijdje voor de bioloog dit raadsel kon oplossen. De schuldigen waren ezels, ontdekte hij.

De ezels hadden gezien dat er iets veranderd was. Dat er ineens cactussen stonden op plekken die eerst nog leeg waren. En het was alsof ze begrepen dat die cactussen nog niet erg stevig stonden. Zelfs al was er verder niks bijzonders aan te zien. Want de ezels trapten net zolang met hun achterpoten, tot zo’n cactus omviel. En dan vraten ze de wortels op.

Daarom, vertelde die bioloog, staan er nu houten hekjes om alle verhuisde cactussen. Niet om te laten weten waar de verhuisde cactussen staan dus. Maar om slimme ezels weg te houden.