De perfecte seks met een hoopje oud ijzer

Ook met niet-mensen voelen we ons verbonden. En robots worden menselijker.

Dus ooit zullen we trouwen en verliefd worden op robots.

Er komt een tijd dat mensen volwaardige relaties zullen aangaan met robots. Ze zullen verliefd worden op robots. Seks hebben met robots. Trouwen met robots. Er is niets dat dit in de weg staat. De vraag is niet of het gebeurt, maar wanneer. Dit betoogt de Londense schaakgrootmeester David Levy in het proefschrift waarop hij gisteren promoveerde aan de Universiteit van Maastricht. In 1968 ging hij een toen beroemde weddenschap aan dat geen schaakcomputer hem binnen tien jaar zou verslaan. In 1978 versloeg hij het sterkste programma van dat jaar: Chess 4.7. Maar in 1989 werd hij moeiteloos verslagen door het schaakprogramma Deep Thought. Zijn huidige FIDE-rating is 2310.

Levy baseert zich op literatuuronderzoek van verschillende vakgebieden, zoals kunstmatige intelligentie, robotica, psychologie, seksuologie en sociologie.

Mensen blijken een emotionele band te kunnen opbouwen met niet-mensen zoals huisdieren én met virtuele huisdieren als de Tamagotchi en de robothond Aibo. Naarmate er meer robots komen, en naarmate die meer op mensen lijken en meer menselijke (psychologische en lichamelijke) behoeften vervullen, zullen mensen ook een intieme liefdesband met een robot kunnen opbouwen, aldus Levy. „Toen ik begon met mijn onderzoek hield ik er rekening mee dat ik wetenschappelijke artikelen kon tegenkomen waarin vooraanstaande onderzoekers zouden zeggen: het is natuurlijk belachelijk om te denken dat mensen ooit verliefd zouden kunnen worden op robots. Maar dat was niet het geval. Mensen in dit vakgebied staan erg open voor het idee.”

Bewustzijn is natuurlijk belangrijk in relaties, ook tussen robots en mensen. Zullen de robots van de toekomst een vergelijkbaar soort bewustzijn hebben als mensen? „Ik ben er in elk geval van overtuigd dat zaken als bewustzijn, emoties en persoonlijkheid zo te simuleren zijn dat ze niet van echt zijn te onderscheiden”, zegt Levy. „Alan Turing zei al: als een computer intelligent overkomt, moeten we accepteren dat die computer echt intelligent is. En volgens mij geldt hetzelfde voor bewustzijn, emoties en persoonlijkheid. Als een robot zegt ‘de muziek staat te hard’ en je vindt dat zelf ook, dan kun je ervan uitgaan dat hij dat ook echt vindt. En als een robot zegt ‘ik hou van je’ en hij vertoont het gedrag dat erbij hoort, waarom zou je dat dan niet geloven?”

Levy denkt wel dat het belangrijk is dat zo’n robot eruitziet als een mens, maar daar zijn robotbouwers al heel ver mee. „In Japan is een levensgrote robot gebouwd, als je die op een foto in de krant zag, en er stond bij dat het een Japanse actrice was, zou je het geloven. Er is ook al kunstmatig materiaal dat voelt als mensenhuid, en een robothoofd met zeer overtuigende gezichtsspieren. Het zal niet lang meer duren totdat zulke robots in grote aantallen geproduceerd worden. Aan alle technische voorwaarden kunnen we binnenkort voldoen. Software om emoties, persoonlijkheid en bewustzijn te simuleren zal het langst duren om te ontwikkelen.”

Seks is veel makkelijker, zegt Levy. „Dat is maar techniek. Je hoeft maar een vibrator of een vibrerende ring in een robot in te bouwen en je hebt een seksrobot.” Een zeer primitieve, weliswaar, maar Levy verwacht dat robots uiteindelijk zelfs betere minnaars zullen worden dan mensen. „Vrijen is in feite een intellectuele bezigheid, en robots zullen zo geprogrammeerd kunnen worden dat ze leren om die te perfectioneren. Vergelijk het met schaken, in de jaren zestig dachten veel mensen ook dat een schaakcomputer nooit een mens zou kunnen verslaan.”

De eerste op mensen lijkende seksrobots zullen enorm duur zijn, denkt Levy. „Waarschijnlijk worden die per uur verhuurd. Maar dan komen er artikelen in bijvoorbeeld damesbladen als de Cosmopolitan, en dan wordt het idee zo populair dat de vraag stijgt en de prijs daalt.” Levy noemt niet voor niets damesbladen; hij denkt dat er vooral voor vrouwen nog een wereld aan seksueel plezier te winnen valt. „Dat zal voor veel mannen een angstige gedachte zijn”, denkt hij. „Als een vrouw zegt dat je een slechtere minnaar bent dan een robot...”