‘Beleid Nederland helpt arme landen het meest’

Onderzoek in de VS wijst uit dat Nederland het meest toegewijd werkt aan de ontwikkeling van arme landen. Een strenger migratiebeleid tast die koppositie echter aan.

Van de 21 rijkste landen in de wereld is Nederland het meest toegewijd om de welvaart in ontwikkelingslanden te vergroten. Dat blijkt uit de woensdag gepubliceerde Commitment to Development Index van het Center for Global Development in Washington. De denktank beoordeelt jaarlijks in welke mate regeringen bijdragen aan de ontwikkeling van arme landen. Daarbij wordt naast ontwikkelingshulp en liefdadigheid gekeken naar beleid op het gebied van hulp, milieu, handel, migratie, investeringen, veiligheid en technologie.

David Roodman (niet van Nederlandse komaf) stelde de landenlijst op. In een telefonisch interview legt hij uit dat Nederland – en ook de Scandinavische landen – vooral zo hoog scoren, omdat ze relatief veel ontwikkelingshulp geven. „In hun samenlevingen en parlementen bestaat nu eenmaal groot vertrouwen dat internationale solidariteit werkt.”

Maar ook geopolitiek speelt mee, zegt hij. „Als de VS twee keer zo groot zouden zijn als Duitsland, betekent dat niet dat ze ook twee keer meer moeten geven aan, zeg, Indonesië om invloed op dat land uit te oefenen. Integendeel, zelfs. Je ziet ook dat kleinere landen daarom minder voorwaarden stellen aan hulp. Er zit een oprechte humanitaire motivatie achter.”

De VS mogen dan relatief weinig ontwikkelingshulp geven, Amerikaanse multimiljardairs als Buffett en Gates geven sommen geld weg vergelijkbaar met de budgetten voor ontwikkelingshulp in Europa. Dit nam Roodman daarom ook mee in zijn berekening. „We beoordelen overheidsbeleid. Dus als het gaat om het meten van privégiften dan hebben we gekeken naar belastingmaatregelen die het voor burgers aantrekkelijk maken geld te doneren.”

Ook keek Roodman naar het milieubeleid van regeringen. Wat zij doen tegen klimaatverandering, woog daarbij voor 60 procent mee. „Dit telt zo zwaar omdat klimaatverandering de armste delen van de wereld het zwaarst treft.”

De VS scoren hier het slechtst. Voor de VS geldt wat ook voor Canada, Nieuw-Zeeland en Australië geldt: het is minder dichtbevolkt en daardoor wordt meer autogereden. Daarnaast is men in de VS veel sterker van mening dat de regering uit de weg moet stappen om de private sector de ruimte te geven. „Maar de vele particuliere initiatieven en maatregelen door staten of op regionaal niveau; ze wegen niet op tegen het gat dat de federale overheid nu laat liggen.”

„Hier staat tegenover dat de landbouw in deze landen minder sterk gesubsidieerd is dan in Europa. Daarom scoren ze weer beter op het punt van handel.” Dit is ook de reden dat Japan strak onderaan staat. „Dat doet niet mee met ‘Kyoto’ én heeft hoge immigratie- en handelsbarrières opgeworpen.”

Nederlands score daalde ten opzichte van vorig jaar licht, vooral door zijn strengere migratieregels. „We kijken bij de factor migratie naar het aantal mensen dat een land binnenkomt. In Nederland daalde dit, hetgeen nadelig is voor ontwikkelingslanden. Er komen minder internationale studenten, minder migranten sturen geld naar huis en er is minder uitwisseling is van kennis en technologie.”

De landenlijst is te vinden via: www.cgdev.org/cdi