Plasterk blijft zich verbazen

Minister Ronald Plasterk (Onderwijs, PvdA) blijft zich verbazen over de vele talen die worden gebruikt bij Europese instellingen. De Europese Unie is het enige internationale orgaan dat niet één taal gebruikt, zei Plasterk tegen Europese journalisten in Brussel.

Plasterk ziet graag dat de verschillende bestuurlijke vergaderingen binnen de Europese Unie één gemeenschappelijke taal gaan gebruiken. „Ik blijf me erover verbazen wat er allemaal getolkt wordt daar”, aldus Plasterk. De minister zou zich kunnen voorstellen dat „we in de toekomst meer gaan behandelen in één lingua franca”.

Europarlementariër Corien Wortmann (CDA) vindt de opvatting van Plasterk ‘elitair’. „In het Europees Parlement kan ook gewoon de man in de straat worden verkozen, die de debatten ook moet kunnen volgen. Ik spreek zelf trouwens uitstekend Engels, maar als het om de finesses gaat, wil ik de wetteksten toch nog graag in mijn eigen taal lezen.”

De partijgenoot van Plasterk in het EP, Jan Marinus Wiersma vindt het belangrijk dat de culturele diversiteit waar Europa voor staat, gerespecteerd en gehandhaafd blijft. „Daarom spreek ik in het plenaire debat ook in mijn eigen taal.” Wiersma vindt wel dat er bezuinigd kan worden op tolken bij werkdocumenten en in werkcommissies. Dan zou de vertaling tot vier talen kunnen worden beperkt.

Tijdens het referendum over de Europese Grondwet stemde Plasterk tegen. Hij vindt niet dat voor het herziene verdrag een volksraadpleging moet worden gehouden. In het nieuwe verdrag schuilt geen gevaar van een Europese superstaat, stelt Plasterk.

De minister vindt dat de voorstanders van de oude Grondwet in de toenmalige campagne rond het referendum vaker oneigenlijke argumenten gebruikten dan de tegenstanders. (ANP)