Auto die aanvoelt als een kart

A wind of change, naturellement efficace. Een wind die veranderingen aankondigt, van nature efficiënter. Het reclameproza waarmee de komst van de Peugeot 308 wordt aangekondigd, de opvolger van de zeven jaar oude 307, is meertalig suggestief en voor meerdere interpretaties vatbaar. Maar het valt niet mee om al die aangekondigde beloftes in de carrosserie van deze nieuweling te ontdekken.

De Peugeot 308 heeft een lange neus en korte kont, een veel te agressieve voorzijde met daarop vastgelijmd hun bekende leeuw in bokshouding op caviaformaat. Het plaatstaal buitelt en wentelt dat het een lieve lust is en er komt een dag dat men in de Vogezen in staat zal zijn in één persgang er gelijktijdig een metalen knoop of strik in te verwerken. Al die verschillende vlakken geven volume en dynamiek aan een auto en maken hem volgens miljoenen liefhebbers aantrekkelijk. Maar bij mij roept het ontwerpidee echter een lichte verveling en weerstand op.

De afwerking oogt in orde. Hopelijk heeft men geleerd van de miljoenen euro’s kostende terugroepacties en de voortdurende kwaliteitsproblemen, waardoor veel (aspirant)kopers zijn afgehaakt.

Het dichtslaan van de deuren, een belangrijk verkoopargument, levert ditmaal een dof en stevig geluid op. Op het interieur heeft men beter zijn best gedaan en vooral het dashboard is een lust voor het oog. De in aluminiumverf gedoopte plastieken ornamenten hebben plaats gemaakt voor een decente aanpak, klokken en meters hebben weer de goede grootte en bevinden zich op de juiste plaats.

Helaas gebleven zijn de zich in bijna elke Peugeot achter het stuur schuilhoudende bedieningsstengels. Wier complexiteit uw testrijder ook nu weer regelmatig tot waanzin dreef. Dit ritueel is uit de tijd en hoognodig aan vervanging toe. De stoelen zitten prima en voelen bijna Germaans stevig aan, in de voordeuren bevinden zich bovenmaatse opbergvakken, waarin u en uw medepassagier tijdens het filerijden een rustgevend voetenbad kunnen nemen. Er is één optie die u móet aanschaffen; het gigantische panoramadak. Bij regen en onweer is het een genot om er af en toe een blik hemelwaarts doorheen te werpen.

Boven de dertig aangeland en tóch nog oh zo graag willen rondtoeren in een na die fatale leeftijdsgrens door mij ten strengste verboden cabriolet? Dan zorgt dit prachtige panoramadak voor troost en blijft het onvermijdelijk dunner wordende haar onberispelijk in model.

Frankrijk is de uitvinder van de verkeersrotonde. Met daarop veel Nederlanders met hun Tomtom op weg naar hun tweede of derde huisje. De voorruiten zijn voor dit fenomeen zo ver als maar mogelijk naar voren gezet en de eigenaardig gevormde achteruitkijkspiegels naar achteren geplaatst. Wegligging en stuurgedrag zijn ten opzichte van zijn voorganger nogmaals verbeterd en voelen aan als die van een kart. Wat voor een groot deel te danken is aan de eindelijk perfect afgestelde elektrische stuurbekrachtiging. Helaas ontbreekt een (E)lectronic (S)tability (P)rogram, een hulpmiddel dat eigenlijk standaard zou moeten zitten in elke reguliere personenauto.

De 120 pk sterke benzinemotor is gebouwd in samenwerking met het Duitse BMW. Lekker geluidje, dat wel. Maar een benzineverbruik van 1 op 13 - want een kassabon liegt niet, in tegenstelling tot de standaard boordcomputer – is voor een auto van dit formaat niet meer van deze tijd.

Freddy Rikken

Freddy Rikken is fotojournalist en rijdt een Peugeot 607.