Debat Hirsi Ali nu zonder emoties

Het debat over wie betaalt voor de beveiliging van ex-Kamerlid Ayaan Hirsi Ali, leek in niets op de emotionele vergadering van juni vorig jaar. Hoe de kwestie afloopt, hangt af van de PvdA.

De laatste keer dat de Tweede Kamer over ex-collega Ayaan Hirsi Ali debatteerde, viel het kabinet. Dat was in juni 2006. Toenmalig minister Verdonk (VVD) had het Nederlanderschap van Hirsi Ali betwist. Een meerderheid van de Tweede Kamer kwam in opstand, na twee emotionele debatten stapte D66 uit het kabinet.

Gisteren kwam de Tweede Kamer weer bijeen om te praten over Hirsi Ali. Het ging over de beveiliging van het ex-Kamerlid in de Verenigde Staten, het land waar zij in 2006 naartoe ging om te werken voor het neoconservatieve American Enterprise Institute. Het kabinet weigert de beveiliging van de bedreigde Hirsi Ali nog langer voor haar rekening te nemen. PvdA en GroenLinks bekritiseerden vooraf deze, in hun ogen, formalistische houding.

Veel van de hoofdrolspelers van toen zaten weer samen in de Tweede Kamer, al waren de rollen vaak anders. Alexander Pechtold (D66) bijvoorbeeld, voor wie de kwestie-Hirsi Ali destijds het einde van zijn ministerschap betekende. Rita Verdonk, toen minister, nu de voorzitter van haar jonge eenmansfractie. Zij mocht, ironisch genoeg, hier haar eerste toespraak als fractievoorzitter over houden.

De positie van GroenLinks-leider Femke Halsema, die het debat had aangevraagd, leek nog het sterkst op die van vorig jaar. Zij diende destijds de motie in die tot de val van het tweede kabinet-Balkenende leidde. Ook nu diende ze een motie in die politiek gevoelig ligt. En net als toen nam ze het op voor Hirsi Ali. Volgens Halsema mag Hirsi Ali, ongeacht of zij in Nederland of in het buitenland is, niet belemmerd worden in haar vrijheid van meningsuiting. De overheid moet daarom garant staan voor haar veiligheid en de kosten daarvan.

Vorig jaar moest voor de situatie van Hirsi Ali een uitzondering gemaakt worden, nu was er bij een groot deel van de Kamer minder wil om haar tegemoet te komen. Het werd nu vooral een introspectief debat, dat in niets leek op de emotionele en vooral principiële discussies van vorig jaar. Het grootste deel ging op aan discussies over een gelekt dossier en theorieën over partijpolitieke een-tweetjes.

Gisterochtend verspreidde de griffie van de Kamer op verzoek van de advocaat van Hirsi Ali, Britta Böhler, delen van het vertrouwelijke dossier onder de Kamerleden. Een groot deel van de Kamer, het CDA voorop, reageerde woedend. In de stukken, zeiden de Kamerleden Sybrand van Haersma Buma (CDA) en Laetitia Griffith (VVD), staat informatie die de veiligheid van Hirsi Ali in het geding kan brengen.

Aanvrager Halsema kreeg in het debat last van het gelekte dossier. Net als het CDA vermoedden Geert Wilders (PVV) en Rita Verdonk een GroenLinks-opzetje. Böhler is niet alleen de advocaat van Hirsi Ali, ze zit namens GroenLinks in de Eerste Kamer. Wilders: „Partijpolitiek speelt blijkbaar een dubieuze rol in dit dossier.”

CDA’er Van Haersma Buma zinspeelde op vervolging van Böhler en vroeg naar de innigheid van de relatie tussen Halsema en de advocaat. „Wij praten hier toch over de zaak van een persoon tegen de staat. Ik vind het onjuist dat wij nu in de Kamer als de advocaat van die ene persoon optreden.” Halsema wees de beschuldigingen van de hand. Het gaat nog altijd om een VVD-politica, het argument van partijbelang speelt dus geen rol. „Dit gaat me steeds minder aanstaan.”

Minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) leek in het debat PvdA’er Dijsselbloem te overtuigen. De minister gebruikte een voor Dijsselbloem doorslaggevend argument: niet alleen is de Nederlandse overheid niet bevoegd om Hirsi Ali in de VS te beveiligen, het kán niet eens. Vanuit Nederland is dat onmogelijk te organiseren. Bovendien, zei de minister, zijn voorganger Donner schreef de Kamer vorig jaar dat Nederland met de VS over een „overgang” van de beveiliging zou praten. En dat impliceert eindigheid.

Morgen stemt de Kamer over een motie van GroenLinks om de beveiliging van Hirsi Ali toch te verlengen tot 1 januari 2008. In de tussentijd kan Hirsi Ali fondsen werven om straks zelf haar beveiliging te regelen. Het is niet uitgesloten dat de motie morgen, als de Kamer erover stemt, zomaar een meerderheid haalt. Dat zou vervelend zijn voor Hirsch Ballin, omdat hij nu juist had gezegd dat verlenging onmogelijk is.

Interessant is daarom de positie van coalitiegenoot PvdA. Dijsselbloem zal proberen zijn fractie ervan te overtuigen de motie niet te steunen, maar enkele fractieleden vinden juist dat de overheid Hirsi Ali wél moet beschermen. PvdA-steun kan voor een Kamermeerderheid zorgen, want ook in de VVD zijn de meningen verdeeld. Zo beschouwd kan Ayaan Hirsi Ali worden wat ze vorig jaar ook was: een probleem in de coalitie.