Onnodige bankbreuk

Deze week heeft Nederland een twijfelachtige wereldprimeur. De grootste bank van het land wordt opgesplitst. Het Belgisch-Nederlandse Fortis, de Spaanse Santander bank en de Britse Royal Bank of Scotland krijgen ieder een deel van ABN Amro. Zo’n monumentale uitverkoop van een bank heeft nooit eerder in een geïndustrialiseerd land plaatsgevonden.

Krediet is de kern van een bank. Daarin verschilt een bank van andere bedrijven. Dat krediet bestaat uit vertrouwen. De rijen rekeninghouders voor de deur van de Britse Northern Rock bank lieten zien hoe broos dat vertrouwen kan zijn.

Anders dan Northern Rock staat ABN Amro niet op springen. Integendeel, het is een bloeiende bank. De winst is alleen niet zo hoog als bestuursvoorzitter Rijkman Groenink aan zijn aandeelhouders had beloofd. Zijn beleid meanderde en de koers van het aandeel ABN Amro kwakkelde. Er werd onderhandeld met ING en met de Britse Barclay bank over een eventueel samengaan.

Maar de openlijke kritiek van een hedgefonds met slechts 1 procent van de aandelen, The Children’s Investment Fund, maakte een definitief einde aan de illusie dat ABN Amro zelfstandig zou kunnen voortbestaan. Het fonds verwachtte een hogere koers als de bank zou worden opgesplitst. De andere aandeelhouders waren het daar plotseling mee eens.

Het lijkt op het sprookje van het kind dat opmerkte dat de voorbijtrekkende keizer geen kleren aan had. Met dit verschil dat ABN Amro een keizer mét kleren is.

Het zou voor de hand hebben gelegen dat bestuursvoorzitter Rijkman Groenink, die sinds 2000 de scepter over de bank heeft gezwaaid, zou zijn opgestapt. Maar de Raad van Commissarissen deed niets. Ook andere betrokkenen ondernamen op beslissende momenten niets om het vertrouwen van de aandeelhouders in de bank te herstellen of om de onderhandelingen in minder riskante banen te leiden zodat opsplitsing zou kunnen worden voorkomen.

Met de splitsing verdwijnt een onderdeel van de internationaal georiënteerde Nederlandse financiële infrastructuur. Wat van de ABN Amro onder Fortis overblijft, zal hoofdzakelijk op de Nederlandse markt opereren. Het is een slag voor de Amsterdamse Zuidas, een belangrijke concentratie van hoofdkantoren, bedrijfsadvocatuur, accountants en financiële dienstverleners. ABN Amro is de belangrijke motor geweest achter dit nabij Schiphol gelegen centrum. Ook voor wie vrije concurrentie in een internationale financiële markt toejuicht, is de splitsing van ABN Amro een verlies.

Het is de vraag of dit Nederlandse voorbeeld ooit elders zal worden gevolgd. Het werpt een ongunstig licht op degenen die bij de leiding van en het toezicht op de bank waren betrokken en niet ingrepen. Zij hebben met de splitsing een groot risico genomen. Het is als het scheiden van een Siamese tweeling. Er rest nu alleen nog de hoop dat de verantwoordelijken bij het verdelen van ABN Amro zorgvuldiger zullen zijn.