Frontports, piramides en een geluidskastje

Het luchtverkeer op Schiphol moet met 20 procent kunnen groeien.

Dat gaat niet ten koste van het milieu, zo staat in een ambitieus plan.

Er worden dikwijls grote woorden gesproken over milieu als ‘kans’ of als ‘uitdaging’. Wat het concreet inhoudt, wordt duidelijk uit het verschenen „totaalinitiatief” van de luchtvaartsector om van de luchthaven Schiphol de meest innovatieve en duurzame luchthaven ter wereld te maken.

Een reeks technieken moet de aloude ‘dubbeldoelstelling’ nieuw leven inblazen. Namelijk om de komende jaren een groei van 20 procent luchtverkeer mogelijk te maken en tegelijkertijd een „significante milieuverbetering” te bewerkstelligen. Nog deze kabinetsperiode willen wetenschappers samen met luchtvaartmaatschappijen, luchtverkeersleiders en Schiphol resultaten bereiken: een reductie van 20 procent CO2 bij alle grondverkeer op de luchthaven, 20 procent minder geluidhinder, en in 2015 een emissiereductie met 10 procent per passagierskilometer.

Hoe? Door de bouw van frontports, speciaal ingerichte spoorwegstations langs autosnelwegen, die de luchthaven in haar dichtgeslibde omgeving weer bereikbaar moeten maken. „Deze maken het overbodig om met de auto helemaal naar Schiphol te rijden om iemand af te zetten of op te halen. Dat kan aan de rand van de Randstad, wat veel autokilometers zal schelen”, aldus het initiatief. „De uitstraling is die van een overstaplocatie: een luchthaven in het klein, met in plaats van een startbaan een spoorbaan.”

En verder? Door slimme technieken te gebruiken om de eeuwig klagende omgeving te pacificeren. Zoals de bouw van een geluidswal met gekantelde vlakken, in de vorm van piramides, die het gebrom van startende vliegtuigen vanaf de nieuwe Polderbaan moeten absorberen. „Door de gekantelde vlakken van de piramides wordt het geluid tegengehouden maar kan de wind erdoorheen; daardoor ontstaat er geen turbulentie voor vliegtuigen.” Zoals de ontwikkeling van antigeluid door een kastje dat vliegtuiggeluid neutraliseert. „Door middel van tegengestelde geluidsgolven kan vliegtuiggeluid worden uitgefaseerd, waardoor de geluidshinder in de nabije omgeving (bijna) geheel teniet wordt gedaan.”

Zoals het maken van geluidarme ‘glijvluchten’ tijdens de landing, niet alleen op rustige tijden maar ook in de spits overdag. Zoals de bouw van een informatiecentrum waar verontwaardigde omwonenden zélf, in een virtuele omgeving, kunnen ervaren hoe en waar de toestellen precies naartoe worden gestuurd. „Zij krijgen daarmee inzicht in de onvermijdelijke compromissen die de luchtvaartsector moet sluiten.”

Wetenschappers aan de TU Delft werken verder aan de bouw van het „ultragroene vliegtuig”, een passagierstoestel waarvan de CO2-uitstoot met 50 procent en de NOx-uitstoot met 80 procent zal zijn gedaald, en ook de herrie fors moet zijn gereduceerd. „Zo’n 95 procent van de aan de luchtvaart gerelateerde CO2-uitstoot heeft te maken met het feitelijke vliegen. Daarom is belangrijk dat vliegtuigen schoner worden.”

Met al dit soort maatregelen zijn niet alleen de omwonenden geholpen, aldus de luchtvaartsector, maar is ook het klimaat gebaat. „De sectorpartijen stellen zich ten doel om tot 2015 10 procent CO2-efficiënter te gaan vliegen en voor 2025 zelfs tot 20 procent CO2-efficiënter.”

Het plan moet minister Eurlings (Verkeer en Waterstaat, CDA) als muziek in de oren klinken. Tenzij hij terugschrikt voor de eis dat het rijk hieraan fors moet meebetalen.