Elf seconden in ’t bokstheater

In de mooist denkbare entourage in Amsterdam vond gisteren de eerste Ben Bril Memorial plaats. Voor het eerst sinds lange tijd werd er weer gebokst in theater Carré.

Raymond Joval wordt verzorgd in zijn hoek van de ring. Foto Maarten Hartman Hollandse Hoogte Nederland , Amsterdam, 8-10-2007 Ben Bril Boks Gala in Theater Carre. Raymond Joval. Maarten Hartman Hollandse Hoogte Hartman, Maarten

Ben Bril had er graag voor terug op aarde willen komen: de technische knock-out van bokser Don Diego Poeder (35), gisteravond in Carré. De man die tien jaar na zijn wereldtitel in het cruisergewicht een comeback probeert te maken, wilde in de Amsterdamse cultuurtempel laten zien waarom hij nog niet mag worden afgeschreven. In plaats daarvan ging de Rotterdammer na elf seconden onderuit tegen de 1.95 meter lange Oekraïner Jaroslav Zavorotni. „Fuck, fuck, fuck was het enige dat de teleurgestelde Poeder op zijn weg naar de kleedkamer kon uitbrengen. De woorden van de speaker – „dit ging wel héél snel, zo houden we tijd over voor Casa Rosso” – in zijn oren nagalmend.

De onverwacht snelle uitschakeling van Poeder, en de aankondiging van zijn zoveelste afscheid, was een veelbesproken onderwerp op het eerste Ben Bril Memorial boksgala. Het evenement was een hommage aan de negenvoudig nationaal bokskampioen uit Amsterdam die na de oorlog furore maakte als scheidsrechter. Als het aan de organisatoren van het boksfestijn ligt moet het Ben Bril Memorial de komende jaren uitgroeien tot hoofdstedelijke tegenhanger van de Bep van Klaveren Memorial in Rotterdam, vernoemd naar de olympisch kampioen van 1928 in het vedergewicht. Het Koninklijk Theater aan de Amstel treedt drie jaar lang op als stijlvolle gastheer.

Onder het toeziend oog van bokscoryfeeën als Pedro van Raamsdonk, Arnold Vanderlyde en Esther Schouten, gingen gisteravond negen paar vuistvechters – acht amateurs, tien profs – in de schijnwerpers van het theater staan waar drie dagen eerder musical Ciske de Rat in première ging. De boksring was voor de gelegenheid in het midden van het theater geplaatst. Op het podium en rond de ring enkele tientallen tafels, waar prominenten zich tegen een flinke vergoeding lieten fêteren. Twee rondemissen, ‘ring card girls’, verleenden het evenement een Amerikaans aandoende allure.

De partij van zwaargewicht Poeder vormde niet de hoofdattractie. Die was voorbehouden aan oud-wereldkampioen Raymond Joval (39), die het in zijn geboortestad opnam tegen de tweevoudig Franse kampioen Alban Mothie. Joval, in een goudkleurige broek, deed in het slotgevecht van de avond wat er van hem verwacht werd. Maar zo spectaculair als de partij van zijn vriend Poeder werd de tweestrijd met de Fransman niet. Joval behaalde rond middernacht een nipte maar unanieme zege op zijn taaie opponent – een passend slot op zijn loopbaan, die hij het liefst „een Rocky-achtig einde” in zijn tweede vaderland, de Verenigde Staten, had meegegeven.

Doel van organisator Jan Lenten was om een affiche te creëren dat Ben Bril met trots zou hebben vervuld. Het Nederlandse boksen zit al enige tijd in het slop en de oud-bokser hoopt dat zijn evenement de prof- en amateursport weer nieuw leven kan inblazen. „Toen we anderhalf jaar geleden met een groep investeerders rond de tafel gingen zitten, was het enthousiasme meteen groot. We hebben een stichting opgericht die eventuele verliezen de komende drie jaar moet opvangen. Maar ik denk dat we met pakweg 1.400 toeschouwers een goede start hebben gemaakt.”

Een mening die werd onderschreven door Rinze van der Meer, die sinds vorig jaar deel uitmaakt van het hoofdbestuur van de Europese boksbond (EBU). „Dit is een belangrijke opsteker voor de Nederlandse bokssport”, concludeerde hij gisteravond in Amsterdam. „Het boksen heeft de afgelopen jaren veel concurrentie ondervonden van het kickboxen en free fighting. Maar zo’n grootschalig bokstoernooi, in deze setting, is iets waar mensen nog lang over zullen napraten.”

Carré vormde volgens de organisatoren een passend decor voor het boksgala. Ruim twintig jaar geleden werd er voor het laatst gevochten in het Amsterdamse theater, onder anderen door Arnold Vanderlyde, gisteravond ook present. En in de periode kort na de Tweede Wereldoorlog was Carré veelvuldig het toneel van vuistgevechten. „De sfeer was in die tijd heel anders”, zegt voormalig scheidsrechter Karel Klijnoot (80), die het vak leerde van Ben Bril. „Het publiek was volkser: de lompenkoopman en de slager zaten op de voorste rij. Nu wordt het beeld gedomineerd door viptafels.”

Klijnoot herinnert zich Bril als een strenge, maar rechtvaardige leermeester. „Hij was heel precies en zag niets over het hoofd. Wedstrijden werden uitentreuren nabesproken. Dat doet tegenwoordig geen scheidsrechter meer.”

Op de vraag wat Bril van de memorial in zijn eigen stad zou hebben gevonden, moet Klijnoot even nadenken. „Ben stond heel graag in de belangstelling. En een beetje valse bescheidenheid was hem daarbij niet vreemd. Waarschijnlijk had hij heel hard ‘is dit allemaal voor míj’ geroepen. Zich ondertussen afvragend waarom het eerbetoon zo lang op zich had laten wachten.”