De hele wereldkeuken in Nederland

De liefde voor eten is groter dan ooit, gelet op het aantal kookcursussen, populaire topkoks, exclusieve restaurants, kookprogramma’s en de actieve receptenuitwisseling op internet. Qua eten is er op alle fronten vooruitgang geboekt sinds 1950. Er is meer dan toen, het is goedkoper, er is meer variatie, we worden er beter over geïnformeerd, we eten gezonder, koken is gemakkelijker geworden en bij de productie houdt men meer rekening met natuur, milieu en arbeidsomstandigheden.

Eten is goedkoper

Voedsel is goedkoop geworden. Het maakt minder dan 15 procent van het modale huishoudbudget uit; rond 1940 was dat nog 40 procent. De relatieve prijsdaling komt door de geweldige mechanisering en intensivering van de landbouw na de Tweede Wereldoorlog. Boeren konden veel meer produceren en de productiekosten, bijvoorbeeld per suikerbiet, daalden sterk.

Gevarieerder

De Verenigde Oostindische Compagnie begon in de zeventiende eeuw met de globalisering van ons eten. De VOC haalde nootmuskaat, kaneel, cacao, koffie en peper uit Indië. Deze producten waren echter nog vooral voorbehouden aan de elite – behalve de aardappel uit Zuid-Amerika dan. Tegenwoordig kun je in Nederland de hele wereld in huis halen: peultjes uit Kenia, kiwi’s uit Nieuw-Zeeland, vanille uit Madagaskar en Laos uit Thailand. Er zijn ook steeds meer exotische, tropische vruchten te koop. Lange tijd was weinig fruit het hele jaar door beschikbaar, zodat kinderen levertraan moesten slikken om vitamines aan te vullen.

Gemakkelijker

We hoeven niet alleen minder geld, maar ook minder tijd aan eten te besteden. Vroeger moest men aardappels schillen, groente snijden en schoonmaken en vaak ook nog inmaken voor de winter, want er bestond natuurlijk nog geen vriezer. Voorgesneden groenten uit het koelvak maken het makkelijker en diepvriesgroenten blijken even gezond als verse. Hierdoor is meer tijd over voor bijzondere recepten.

Gezonder

Door steeds strengere regelgeving is ons voedsel veiliger geworden. Er zitten honderd keer minder dioxineachtige stoffen in ons eten dan in 1980. We zijn ook steeds beter geïnformeerd over eten: de vermelding van ingrediënten op verpakkingen is bijvoorbeeld verplicht. Schadelijke transvetzuren zijn grotendeels uitgebannen en er zijn steeds meer vet-, zout- en suikerarme producten op de markt. Het blauwe klavertje bij onze grootste supermarktketen geeft aan welke producten laag zitten in verzadigd vet, transvet, suiker en zout en juist hoog in voedingsvezels. En zelfs bij McDonalds kun je tegenwoordig gezonder en gevarieerder eten.

En duurzamer

Een relatief recente ontwikkeling is dat onze voeding met het oog op mens en milieu ook steeds duurzamer wordt. Zo is van de Perla koffie bijvoorbeeld al 90 procent gecertificeerd, waardoor scholing en medische zorg voor de koffieboeren in Guatemala en hun dorp zijn gegarandeerd. En dankzij de nieuwe viswijzer kun je tegenwoordig ook verantwoorde, ‘groene’ vis kopen.

Kor Goutbeek

Rectificatie / Gerectificeerd

Levertraan

In de aflevering De hele wereldkeuken in Nederland (dinsdag 9 oktober, pagina 35) van de rubriek what’s next - next is better! schrijft Kor Goutbeek dat kinderen vroeger levertraan slikten bij gebrek aan fruit. De vitaminen die veel in levertraan zitten, A en D, zitten echter niet in fruit. Fruit is een belangrijke bron van vitamine C.