Shorttrackspecialist wint marathon

Cees Juffermans is vooral bekend als shorttrack-schaatser. Zaterdag won hij een marathon.

Twee keer kwam Cees Juffermans (25) uit op de Olympische Spelen als shorttrackschaatser, in 2002 en 2006, voordat hij vorig overstapte naar een „totaal andere tak van sport”, het marathonschaatsen. Afgelopen zaterdag won hij op de Amsterdamse Jaap Edenbaan de eerste marathon van het nieuwe seizoen.

Had je verwacht dat je ervaren marathonschaatsers als Cédric Michaud en Jan Maarten Heideman kon verslaan?

„Ik wist wel dat ik goed kon sprinten, maar ik had niet verwacht dat ik de elite van de marathon in de finale kon verslaan. Ik dacht steeds: ze komen wel voorbij, maar dat gebeurde niet. Het was vreemd, want een week eerder had mijn broer Joost mij op een vijf kilometer in Erfurt nog op twintig seconden achterstand gereden.”

Hoe is je overstap naar het marathonschaatsen verlopen?

„Vorig jaar ging alles fout wat maar fout kon gaan. Ik was veel ziek, had blessures, ik werd onderuit gereden door mijn eigen ploeggenoten, door mijn eigen schuld. Ik dacht steeds: waar ben ik mee bezig? Het was heel erg wennen, omdat ik voor het eerst op klapschaatsen reed. Die zijn verboden in het shorttracken. Door al die fouten heb ik wel veel geleerd. Ik had ook steeds het gevoel dat het er wel in zat.”

Zijn er ook overeenkomsten tussen shorttracken en het marathonschaatsen?

„Jazeker, door het shorttracken was ik wel gewend om met veel mensen om me heen te rijden. Maar bij mijn eerste marathons wist ik niet wat me overkwam: duwen, trekken, slaan, je wordt uit de baan gereden. Bij het shorttracken bekijken zes juryleden elke beweging, en na afloop kijken ze het op een videosysteem nog eens na. Bij het shorttracken gelden veel strengere regels. In een marathon met een pak van honderd man valt bijna niet te beoordelen wie wat fout heeft gedaan.”