School-register

Vorige week schreef ik over het voorstel van de commissie-Rinnooy Kan om een landelijk register van leraren in te voeren. Dat leek mij een zinvol idee omdat daarmee ouders en studenten een instrument in handen krijgen waarmee zij de kwaliteit van het docententeam van een (hoge)school kunnen beoordelen. Verscheidene lezers deden mij een suggestie aan de hand van een oplossing die effectiever en beslist ook veel goedkoper is en die bovendien al met ingang van volgend schooljaar kan worden ingevoerd.

Bij een register van leraren stel ik me voor: alle namen van alle leraren in alfabetische volgorde, gevolgd door gegevens zoals de school of scholen waaraan ze verbonden zijn, hun bevoegdheid of opleiding en verdere relevante gegevens over scholing. Je kunt ook een overzicht per school maken, maar leraren zijn niet in dienst van een school maar van een bestuur en onder dat bestuur ressorteren in de regel meerdere scholen.

Hogescholen en ROC’s bestaan uit verschillende afdelingen of faculteiten, die vaak een geheel eigen karakter hebben en als afzonderlijke school worden ervaren. Dat op een hogeschool of ROC x procent van het personeel niet bevoegd is, zegt de student die kiest voor een economische opleiding niets. Die wil weten hoe dat zit bij de studierichting van zijn keuze.

Lezers wezen mij erop dat het op hun school de gewoonte was dat in de schoolgids een lijst werd opgenomen met de namen van alle leraren, hun eventuele titels, en de aard van hun bevoegdheid met daarbij vermeld het vak dat ze gaven. Waarom, zo vroegen zij zich af, niet iets dergelijks weer opnieuw ingevoerd.

Het voordeel van een dergelijke aanpak is evident. Ouders, leerlingen en studenten krijgen hiermee een overzicht van alle docenten die verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van hun opleiding.

De wenselijkheid van een register van leraren is gelegen in de behoefte aan een instrument om de kwaliteit van docenten te waarborgen. Hogescholen hebben in hun bezuinigingswoede vooral docenten aangetrokken met een laag niveau van opleiding. Een zorgwekkende ontwikkeling die ook in eigen kring wordt onderkend.

In zijn toespraak een maand geleden bij de opening van het nieuwe studiejaar kondigde Pim Breebaart, voorzitter van het College van Bestuur van de Haagse Hogeschool, omvangrijke investeringen aan in het docentencorps. Meer en hoog opgeleide, bij voorkeur gepromoveerde, docenten om het karakter van de opleiding als hoger onderwijs te waarborgen. Zelfs de kort geleden afgezwaaide bestuursvoorzitter van hogeschool Inholland, Jos Elbers, bleek – overigens pas nadat daar alles mis was gegaan wat mis kon gaan – tot het inzicht te zijn gekomen dat er te veel was bezuinigd op het onderwijzend personeel.

Voor alle sectoren van het onderwijs geldt dat leraren steeds vaker lesgeven in vakken waar ze niet bevoegd voor zijn. Niet alleen als gevolg van het lerarentekort. Hoe breder leraren kunnen worden ingezet, des te makkelijker en goedkoper het is om het onderwijs te organiseren. Daardoor wordt de horde om leraren buiten hun bevoegdheid in te zetten steeds gemakkelijker genomen.

Kortom, wil een register bijdragen aan de kwaliteit van het onderwijs dan moet daarin niet alleen vermeld worden de opleiding die docenten hebben gevolgd, maar ook alle vakken waarin zij lesgeven. Want er kan bij de naam van een lerares wel staan dat zij doctorandus is, maar zelfs dan kan het gebeuren dat die de les Engels begint met “It is my task to learn you English”. Weliswaar doctorandus, maar klaarblijkelijk niet in Engels.

lgm.prick@worldonline.nl