Rechts Z-Korea geërgerd over akkoord

In Zuid-Korea heeft rechts geïrriteerd gereageerd op het pact dat de leiders van Noord- en Zuid-Korea deze week sloten. In Seoul moet een nieuwe president de afspraken gaan uitvoeren.

Amsterdam, 6 Okt. - Slechts één, bijna achteloos, zinnetje over de Noord-Koreaanse ontwikkeling van kernwapens staat er in de overeenkomst die Noord- en Zuid-Korea deze week sloten. De twee landen, die officieel nog steeds in oorlog zijn, zullen „zonder haperen” de eerder gesloten akkoorden „over het kernwapenvrij maken van het schiereiland” ten uitvoer brengen, dat wil zeggen de akkoorden die zijn gesloten in het zespartijenoverleg met de VS, China, Rusland en Japan.

„De nucleaire dreiging hangt als een donkere wolk boven ons”, schreef de conservatiefste krant van Zuid-Korea, de Chosun Ilbo, gisteren in een hoofdartikel. Als de twee leiders van het Koreaanse schiereiland daar met zulke halfhartige woorden overheen kijken, wie is hier dan eigenlijk de baas?”

De twee leiders hadden een heel andere kijk op de militaire situatie. „Militaire zorgen zullen niet in de weg staan van inter-Koreaanse samenwerkingsprojecten”, stellen de noordelijke dictator Kim Jong-il en de zuidelijke president Roh Moo-hyun in hun verklaring.

De lijst projecten die de twee onder handen willen nemen is indrukwekkend en lijkt militaire overwegingen nauwelijks aandacht te geven. Het meest opvallende is dat het betwiste zeegebied waar de afgelopen jaren regelmatig door beide marines op elkaar is geschoten en waar schepen zijn gezonken, nu ontwikkeld gaat worden als gemeenschappelijk visserijgebied. Het gaat om het gebied net ten westen van de zuidelijke hoofdstad Seoul, waar de betwiste grens vlak langs de kust van Noord-Korea loopt. Noordelijke vissersschepen zijn daar regelmatig tot in wateren doorgedrongen die Zuid-Korea claimt.

Er zijn veel meer concrete projecten. Zo gaat er een goederentrein rijden tussen Zuid-Korea en het Noord-Koreaanse Kaesong, waar de afgelopen jaren een industriegebied is ontwikkeld voor Zuid-Koreaanse bedrijven.

Het wordt zelfs mogelijk om per trein vanuit het zuiden verder door te reizen naar China. Zuid-Korea gaat namelijk het spoor van Kaesong verder naar Sinuiji en China geheel opknappen. Volgende zomer moet een trein vanuit Zuid-Korea met sportliefhebbers uit Zuid- én Noord-Korea via deze route naar de Olympische Spelen in Peking rijden.

Op politiek vlak ziet de Chosun ook slechts winstpunten voor het noorden. De twee landen hebben namelijk afgesproken dat ze niet zullen interveniëren in elkaars interne gelegenheden en dat ze „juridische en institutionele systemen zullen herzien”. Voor Zuid-Korea betekent dit niet zo zeer dat het land zijn staatsinrichting in communistische richting gaat ombouwen, maar wel dat er meer druk komt te staan op herziening of zelfs afschaffing van de nationale veiligheidswet die elke steun aan het communisme verbiedt. Deze wet is in het verleden door dictatoriale regimes gebruikt om elke beweging tot democratisering de kop in te drukken.

Er bestaat ter rechterzijde dus nogal wat irritatie over de overeenkomst tussen Kim en Roh, die vooral beloften aan het noorden bevat die Zuid-Korea veel geld gaan kosten. Dit maakt het des te belangrijker wat er op 19 december in Zuid-Korea gebeurt als de kiezers naar de stembus gaan om een nieuwe president te kiezen, die vanaf februari volgend jaar het land zal leiden. Roh mag zich geen tweede keer verkiesbaar stellen.

Het is dus zijn opvolger die uitvoering moet gaan geven aan alle afspraken. Rohs eigen partij, de progressieven, hebben uit hun midden nog steeds geen kandidaat aangewezen. De conservatieve Grand National Party heeft al wel een kandidaat, en bovendien een kandidaat die in de peilingen vooruitloopt op alle andere mogelijke kandidaten.

De vraag is dus of de top van afgelopen week het progressieve kamp weer zoveel geloofwaardigheid en levenskracht heeft gegeven, dat de toekomstige kandidaat alsnog voldoende kiezers aan zich zal weten te binden. Opvallend is dat er vóór de verkiezingen van december nog twee Noord-Zuid-ontmoetingen zijn gepland: in november ontmoeten de premiers elkaar in Seoul en de ministers van Defensie in Pyongyang. Er kan dus een golf van optimisme ontstaan waarop een progressieve kandidaat naar de overwinning zou kunnen surfen.

Maar een progressieve zege is lang niet zeker. Kim Dae-jung haalde in 1997 slechts een nipte overwinning, net als Roh Moo-hyun vijf jaar geleden. De mogelijkheid van een conservatieve overwinning is zeker niet denkbeeldig. De vraag die dan rijst is: wat zal het Noord-Zuid-beleid zijn van de conservatieve kandidaat, Lee Myung-Bak? „Het is zeer betreurenswaardig”, heeft Lee al in een reactie gezegd, „dat ze niet de kwestie hebben afgehandeld die de belangrijkste zorg vormt van de internationale gemeenschap en de [Zuid-Koreaanse] bevolking, namelijk verwijdering van kernwapens en de mensenrechten.”

Kritiek op een politieke tegenstander is echter voorspelbaar. Daar tegenover staat dat elke Koreaanse staatsman hereniging van het vaderland op zijn conto zal willen schrijven. Als de ontspanning dus echt goed op de rails blijkt te staan, is het nog de vraag of Lee het ontspanningsbeleid werkelijk 180 graden zal willen omdraaien, of dat hij slechts iets andere accenten zal willen leggen.