‘Praat over televisieprogramma’s’ met je kinderen

Netcoördinator Cathy Spierenburg stopt aan het einde van dit jaar als baas van de kinderprogramma’s Z@pp en Z@ppelin, maar blijft verbonden aan de publieke omroep, vertelt ze aan Raymond Krul

PUBLIEK EN TOCH COMMERCIEEL: Geweldig om zo’n kleintje met een Teletubbie-pop de tv te zien naspelen, zegt Cathy Spierenburg Foto Evelyne Jacq Europa, Nederland, Hilversum 01-10-2007 NPO omroep Cathy Spierenburg, Netmanager van kinder TVzender Z@pp. Foto: Evelyne Jacq Jacq, Evelyne

Op haar eerste werkdag als netcoördinator, 2 juli 2000, had Cathy Spierenburg geen kamer, geen bureau en geen telefoon. „Er was alleen een zinnetje in het meerjarenbeleidsplan van de publieke omroep waarin stond dat er op 4 september een kinderblok moest zijn. Dat was niet bepaald een hoopvol begin, maar ik hield me vast aan mijn doel: een herkenbare kinderzender neerzetten op Nederland 3.”

Op die 4de september lanceerde Spierenburg Z@ppelin. Het wordt een succes; in 2002 roept vakblad Broadcast Magazine Spierenburg zelfs uit tot Omroepvrouw van het Jaar. Daarna verliest Z@ppelin terrein aan de commerciële zenders Nickelodeon en Jetix. Spierenburg introduceert Z@PP, specifiek gericht op de doelgroep van 8 tot 12 jaar. In 2006 voert de publieke omroep het programmeermodel in. Ook de programma’s van Z@pp en Z@ppelin worden horizontaler geprogrammeerd. „Kinderen willen weten waar ze aan toe zijn”, zegt Spierenburg. „Een zondagochtendblok als Villa Achterwerk werkt niet meer.” Sindsdien heeft het kijktijdaandeel van de publieke kindertelevisie zich hersteld. Aan het eind van dit jaar stopt Spierenburg als baas van de kinderprogramma’s.

Hoe staat Z@ppelin er nu voor?

„In het huidige beleidsplan is kindertelevisie een speerpunt. Men gaat niet meer zo makkelijk aan kinderen voorbij. We maken 13,5 uur televisie per dag, we hebben websites, organiseren evenementen, geven bladen uit. Door Z@pp van Z@ppelin te scheiden hebben we de doelgroep gesegmenteerd. Ons marktaandeel ligt rond de 17 procent en dat is helemaal niet slecht.”

Toch is er voor televisie voor volwassenen nog altijd relatief meer geld beschikbaar dan voor kinderen.

„Dat is absoluut waar. Aan de andere kant zijn we ontzien bij de bezuinigingsrondes. Ik vind ook dat we slimmer moeten programmeren. Sommigen denken: als je maar genoeg geld hebt, komt het wel goed. Maar geld kan mensen ook minder creatief maken.”

Mijn eigen kinderen vallen als een blok voor Nickelodeon. Hoe komt dat?

„Spongebob Squarepants is gewoon een leuk programma. Maar daarnaast zie je dat de commerciëlen heel goed inspelen op de multimediale wereld van kinderen. Ze komen op het juiste moment met de merchandising rondom het programma, zoals de koekjes en de pyjamaatjes, de dvd’s. En ze programmeren gewoon tweehonderd afleveringen. Als kind kun je daar bijna niet omheen.”

Is het slecht dat kinderen daar dan naar kijken?

„Het is heerlijk om na school even te ontspannen met animatie. Je kunt intussen gerust je haar laten vlechten, of even naar de wc gaan. Het zijn makkelijke programma’s. Maar we moeten ons wel realiseren dat in al die animatieseries steeds hetzelfde rolmodel centraal staat, een held, en die held is altijd fysiek de sterkste. Als kinderen daar week in week uit, jaar in jaar uit, twee uur per dag naar kijken, willen ze op een bepaald moment zelf die held zijn en gaan op hun tenen lopen. Ze worden geïndoctrineerd.”

Dat klinkt ernstig.

„Misschien wel, maar het is nu eenmaal een wezenlijk onderwerp. We willen toch niet over een aantal jaar constateren dat een hele generatie is opgegroeid met alleen maar tekenfilms. Zeker als je bedenkt hoe enorm de impact van het medium televisie is. Als publieke omroep hebben we de taak om kinderen te helpen bij hun taalontwikkeling, ze kritisch vermogen bij te brengen, hun smaak te ontwikkelen, de sociaal-emotionele vorming te stimuleren. Dat is waarvoor we in een democratie een publieke omroep hebben.”

U maakt ook een soap, ‘Spangas’. Moeten we het maken van soaps niet overlaten aan de commerciële omroepen?

„Het ligt er maar aan hoe je het maakt. Wij hebben gekozen voor de school als setting voor de soap. We besteden bewust aandacht aan zaken die kinderen van twaalf bezighouden: de CITO-toets, de musical, verliefdheid, scheidende ouders. En we zijn actueel. Nu is het Kinderboekenweek, dus zul je dat terugzien in Spangas. We voegen juist iets toe aan wat de commerciëlen doen.”

Moeten wij ouders strenger zijn als het om het kijkgedrag van de kinderen gaat?

„Het heeft geen enkele zin om kinderen te verbieden naar commerciële zenders te kijken. Wat wel helpt, is samen kijken. Steek energie in je kinderen. Praat met ze over de programma’s en wijs ze op de programma’s van Z@ppelin, want vaak weten ze niet eens dat ze er zijn. Dat is ook wat we moeten verbeteren, de zichtbaarheid.”

Dus Z@ppelin gaat ook meer aan merchandising doen?

„Daar ben ik helemaal niet op tegen. Ik vind het geweldig als ik zo’n kleintje met een Teletubbie-pop zie naspelen wat hij net op televisie gezien heeft. En het is educatief. Maar ik word ook vrolijk van een meisje dat een kaartje voor een K3-concert wint. Waar het om gaat, is dat we projecten veel eerder cross-mediaal aanpakken. Tv, internet, print, evenementen.”

Als projectleider crossmediale concepten gaat u die werkwijze bevorderen?

„Ja. Als we niet slagvaardig kunnen inspelen op de behoeftes van een generatie die alles tegelijk doet, gaan we het in de kinderwereld verliezen. Nu maken we een televisieprogramma en daarna gaat de afdeling internet een website bedenken. Of een programma is een succes en dan denken we: misschien is het leuk om een pop te laten maken. Zo werkt het niet; we moeten alles tegelijk en in samenhang ontwikkelen.”

Bent u al met projecten bezig?

„Rondom de Olympische Spelen in China gaan we groot uitpakken met Olympickids. Een individuele omroep zou zoiets nooit kunnen oppakken, dat zou veel te kleinschalig zijn. Kinderen hebben geen boodschap aan ons versnipperde bestel.”

Reclame beïnvloedt het eetgedrag van kinderen, blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam. Moeten er strengere regels komen als het gaat om reclame voor koek en frisdrank?

„Nee. Met een Bob de Bouwer-koekje is helemaal niets mis, maar een zak Bob de Bouwer-koeken op tafel leggen en dan weglopen – dat is wat anders.

„Ouders moeten hun eigen verantwoordelijkheid nemen. We wijzen te makkelijk naar de overheid.”

En als ouders dat niet doen?

„Dan moeten we harder werken aan bewustwording.”

Kinderen moeten weerbaarder worden als het om mediagebruik gaat, vindt het kabinet. Namens de omroepen gaat u met dit onderwerp aan de slag. Hoe?

„We doen al heel veel, dus dat wil ik eerst in kaart brengen. Dan zien we vanzelf waar we nog werk te doen hebben.”

Media-educatie zou een vak kunnen worden op scholen?

„Bijvoorbeeld. Maar dan moeten we met de leerkrachten beginnen, want die hebben vaak ook geen idee van het mediagedrag van hun leerlingen. Thuis zitten kinderen voortdurend op internet, maar op school houden ze een heel traditionele spreekbeurt over hun hamster, waarbij ze een boek uit de bieb laten rondgaan.

„Laatst hebben we onder de noemer ‘De digitale spreekbeurt’ kinderen aangespoord om digitale foto’s en filmpjes te verwerken in hun spreekbeurt. Het is onvoorstelbaar als je ziet wat die kleine hummels dan allemaal voor elkaar krijgen.”