Mooie musical met Cis èn Ciske

Marjolein Touw als de moeder en Dave Dekker als de kleine Ciske

Voorstelling: Ciske de Rat de musical, door Joop van den Ende Theaterproducties. Regie: Paul Eenens. Gezien: 5/10 in Carré, Amsterdam. Tournee t/m 7/9. Inl. 0900-3005000, www.musicals.nl

Augustus 1939: het is mobilisatie en op het Centraal Station in Amsterdam komen jongemannen uit het hele land aan om in de trein naar hun legerstee te stappen. Twee van die mannen kennen elkaar nog. De één is de schoolmeester Bruijs die nu wachtmeester wordt, de ander is een knaap die veertien jaar eerder bij hem in de klas zat: Franciscus Vrijmoedt, beter bekend als Ciske de rat. En zodra ze over vroeger beginnen, is daar de eerste flashback. We zien de contouren van het schoollokaal, we zien Ciske binnenkomen – en we herkennen weer het verhaal dat in 1984 zo vaardig werd verfilmd met de kleine Danny de Munk als de grote ster. Toen die film in première ging, was koningin Beatrix de eregaste. En bij Ciske de Rat de musical, die gisteravond in theater Carré in Amsterdam in première ging, was ze er opnieuw. Net als Danny de Munk trouwens, die nu als Cis de man kan terugkijken op de dramatische gebeurtenissen die zijn kinderjaren zo traumatisch maakten. Met de doodslag op zijn moeder als noodlottig dieptepunt. Ciske was destijds de rol van zijn leven. Cis is dat wéér. Want het hoge woord moet er meteen maar uit: dit is een van de beste musicals die ooit in Nederland werden gemaakt.

Het feit dat Ciske-auteur Piet Bakker een trilogie over zijn kleine held schreef, waarvan het veel minder bekende derde deel over de mobilisatie en de meidagen van 1940 handelt, moet voor de musicalmakers een buitenkans zijn geweest. Niet alleen kon De Munk de ouder geworden Ciske spelen, maar bovendien bood dat de mogelijkheid voor een raamvertelling. Met meesterhand laten de bewerkers André Breedland en Maurice Wijnen de tijden door elkaar heen lopen. Niet gekunsteld, maar volkomen logisch – en daarom hoogst geraffineerd – loopt de handeling tussen 1925 en 1939 heen en weer. Soms loopt het één al vooruit op het ander, maar soms ook niet. Die afwisseling geeft extra vaart.

Breedland schreef bovendien functionele zangteksten, hooguit hier en daar ontsierd door misplaatste klemtonen, en daarbij schreef Henny Vrienten een staalkaart van muzikale stijlen in bijpassende arrangementen. Jordaanliedjes van draaiorgelkwaliteit, het ritme van een big band, een gespierde song over vrijheid in het idioom van Brecht en Weill, een pakkende soldatenmars, het zit er allemaal in. Vanzelfsprekend kon het door Karin Loomans en Herman van Veen geschreven Ik voel me zo verdomd alleen niet ontbreken, maar die oude filmhit wordt hier niet uitgemolken. Dat was ook niet nodig; de nieuwe nummers zijn minstens even meezingbaar. En kijk en hoor Danny de Munk eens stralen als hij Amsterdam bezingt. Alsof er een nieuwe Willy Alberti is opgestaan. Of een nieuwe Johnny Jordaan.

De musical speelt zich af in een multifunctionele koepel met wondermooie projecties, waarin nauwelijks merkbaar maar voortdurend wordt gechangeerd. Het station wordt een schoolklas, dan een zondag in Artis, dan een soldatenslaapzaal, dan een zonnig strand, dan een fleurig café, en zo gaat het door. Terwijl regisseur Paul Eenens alle elementen – sentiment, volkse vrolijkheid, emoties, visuele verrassingen, gulle (en goede) grappen – verbluffend mooi in balans heeft gebracht. Mede dankzij De Munk als intens acterend middelpunt en tegenspelers als Hugo Haenen, Hajo Bruins, Marjolein Touw en Mariska van Kolck die allemaal ideale musicalacteurs zijn. Ze zingen met flair en weten tegelijk in de tekstscènetjes de nuanceringen te laten doorklinken die hun personages geloofwaardig maken.

De kleine Ciske wordt afwisselend vertolkt door tien verschillende spelertjes. Dave Dekker trad gisteravond op als hartveroverende première-Ciske. Die wordt nog eens een echte Danny de Munk.