Mondje dicht

Tot mijn verbazing heeft u een volle pagina gewijd aan wat het wetenschappelijke daglicht niet kan verdragen (‘Mondje Dicht’, (W&O, 22 september). Carola Houtekamer heeft geput uit de website van de heer Wismeijer en de moeite genomen wat van de genoemde literatuur op te slaan. Wismeijer definieert daarin een geheim als ‘informatie die je willens en wetens voor anderen verborgen houdt.’ Hij besteedt daar een promotieonderzoek aan. Waar een mens zich van bewust is en niet over spreekt, is echter hetgeen mensen voor zichzelf houden. Dat is geen geheim. Volwassen mensen zijn in staat iets te weten en voor zichzelf te houden, gezonde kinderen eveneens. Het zou zelfs een grote kwelling zijn als dat niet meer kon en ons ernstig bezwaren.

Als iets dat we weten of gedaan hebben op ons gemoed of geweten drukt, dan komen we aan de grens van de geheimen. We tobben over iets. Ook dat is een volwassen eigenschap, te overdenken en te voelen wat ons bezwaart,, voordat we er gedeeltelijk of niet met een ander over spreken.

Over echte geheimen kan niet gesproken worden. Een taboe betekent dat mensen in een samenleving collectief iets niet willen weten. Begin je er toch over te spreken, dan kijken mensen je glazig aan en beginnen over iets anders. Of ze sluiten je buiten als gek - op de brandstapel ermee, of als slachtoffer, zodat je het taboe niet langer schaadt – je bent immers de zieke. Over een trauma kan evenmin gesproken

worden: een trauma is per definitie niet narratief. Daarom is het een trauma. Het zit een mens wel dwars en hij kan er zelfs ziek van zijn.

Wismeijer mag promoveren op wat hij wil, maar geheimen zijn het niet. Het is te hopen dat hij daar nog voor zijn dissertatie op komt.