Het kabinet zoekt een financiële Houdini

Zou iemand in Nederland de moeite nemen om de gehele rijksbegroting voor 2008 door te ploegen? In de boekenkast beslaan de op Prinsjesdag aan het parlement aangeboden begrotingsstukken al vijftien strekkende centimeters, barstensvol gortdroge cijferopstellingen en zwaar op de maag liggend ambtenarenproza. Toch is raadpleging van deze stapel papier nodig om de precieze bestemming te achterhalen van de 258 miljard euro die het kabinet volgend jaar bestemt voor velerlei collectieve uitgaven. Gelukkig vat de minister van Financiën de hoofdlijnen van de rijksbegroting ieder jaar samen in de Miljoenennota. In zijn eersteling windt minister Bos er geen doekjes om: het kabinet heeft grote plannen. Maar in het uitgavenbeeld zijn die ambities nauwelijks terug te vinden.

Volgend jaar trekt het kabinet 2,7 miljard euro uit voor nieuw beleid. Dit bedrag komt bovenop de toch al stijgende uitgaven die zijn gemoeid met voortzetting van bestaand beleid. De opstellers van de Miljoenennota hebben twaalf bladzijden nodig voor een uitvoerige bespreking van alle nieuwe beleidsvoornemens. Hierdoor zou de lezer bijna vergeten dat daarvoor slechts 1 procent van het begrotingstotaal is uitgetrokken. Bovendien bezuinigt het kabinet op de uitgaven voor bestaand beleid een aanzienlijk groter bedrag: 3,7 miljard euro. Daarover lees je in de Miljoenennota bijna niets. Aan de geplande bezuinigingen worden amper twee bladzijden gewijd. Een samenvattend overzicht ontbreekt.

Om erachter te komen in welke uitgaven het kabinet komend jaar het mes wil zetten, is het daarom nodig het coalitieakkoord van begin februari erbij te pakken. Een doelmatiger organisatie van de rijksdienst zou al volgend jaar 100 miljoen euro moeten opleveren. Het is onwaarschijnlijk dat dit bedrag wordt gehaald, omdat met de beoogde vernieuwing van de rijksdienst nog geen daadwerkelijk begin is gemaakt.

Sinds twee weken ligt er alleen een nota waarin secretaris-generaal Bekker aangeeft hoe de voorgenomen reorganisatie uit de startblokken kan komen. De coalitiepartijen rekenen ook op 100 miljoen extra, doordat meer boetes zullen worden uitgedeeld. Dit is natuurlijk geen echte bezuiniging, terwijl de ingeboekte meeropbrengst onzeker is. De verkoop van gronden en gebouwen moet nog eens ruim 100 miljoen opbrengen. Opnieuw: geen bezuiniging, maar geld dat vrijkomt door de verkoop van tafelzilver. Het kabinet denkt verder geld te vinden door de provincies 200 miljoen euro te ontfutselen en de woningcorporaties 750 miljoen lichter te maken.

Inmiddels hebben de provincies beloofd ten laste van hun vermogen 200 miljoen euro te zullen investeren. De corporaties zijn bereid gevonden 250 miljoen euro af te dragen aan een nieuw te vormen fonds voor het opknappen van probleemwijken. De nog ontbrekende half miljard wil minister Bos bij de sociale verhuurders wegbelasten. De corporaties hebben al aangegeven hiervan niet gediend te zijn en zich met hand en tand tegen deze belastingmaatregel te zullen verzetten. Hier dreigt opnieuw een forse tegenvaller. Ook hier gaat het in feite helemaal niet om een echte bezuiniging op de uitgaven van de rijksoverheid.

Tevens wil het kabinet de belastingaftrek voor ziektekosten schrappen. In plaats daarvan zouden mensen met hoge ziektekosten recht krijgen op een tegemoetkoming van de gemeente. Deze operatie zou al volgend jaar een besparing van 400 miljoen euro moeten opleveren. Het kabinet realiseert daarvan slechts een fractie, zo blijkt uit een toelichting op het belastingplan voor komend jaar.

De gezondheidszorg biedt een fraaie illustratie dat dit kabinet meer bezuinigt (althans op papier) dan dat het voor nieuw beleid uitgeeft. Van de 2,7 miljard voor nieuw beleid gaat een half miljard naar de zorg, vooral voor verbeteringen in de verpleeghuizen. Daartegenover snoeit het kabinet komend jaar meer dan 1 miljard in deze sector. Lagere prijzen voor medicijnen (340 miljoen), minder inkomen voor medisch specialisten (175 miljoen), een algemene efficiencykorting op het budget voor ziekenhuizen en verpleeghuizen (275 miljoen) en beperking van het budget voor de huisartsen (60 miljoen) zijn onderdeel van dit snoeipakket. De ervaring van de afgelopen jaren leert dat een belangrijk deel van deze ombuigingen niet zal worden gerealiseerd, zowel door verzet van zorgaanbieders als door protesten van zorggebruikers.

Al rammelt de bezuinigingslijst voor 2008 aan alle kanten, alle ministers hebben zich wel akkoord verklaard met plafonds voor het bedrag van de uitgaven op hun begroting. Dus zal elke tegenvaller bij de beoogde ‘ombuigingen’ moeten worden opgevangen door bezuinigingen op andere posten van hun begroting, of door af te zien van extra uitgaven waarmee het kabinet de burgers tot nu toe blij maakt. De lasten nog méér verzwaren dan met de 7 miljard euro die nu al in het coalitieakkoord is vastgelegd, vormt geen uitweg. Ook de ontvangsten van de collectieve sector zijn namelijk tot 2011 aan een plafond gebonden.

Door onvoldoende doordachte bezuinigingsmaatregelen te koppelen aan plafonds voor zowel uitgaven als belastingontvangsten, heeft het kabinet zichzelf een dwangbuis aangemeten. Alleen een budgettaire Houdini zou zich daaruit wellicht kunnen bevrijden. Zijn behendigheid is de ministers van het vierde kabinet-Balkenende echter niet gegeven.