Een veeleisend besje

De cranberry is een besje met kapsones. Kalkarme en zure grond is geboden, de bodem moet bedekt zijn met een dun laagje humus. In de winter en het voorjaar moet het plantje onder water staan en 's zomers met de wortels in een natte bodem. Andere duinplanten moeten zich een beetje gedeisd houden want anders redt de cranberry het niet. Geen wonder dat de cranberry maar op een paar plaatsen in de wereld gedijt, in zijn oorspronkelijke leefgebied in Noord-Amerika, in Canada en op Terschelling.

Over hoe de bes op Terschelling terecht is gekomen willen de eilanders graag verhalen. Jutter Pieter Sipkes Cupido zou omstreeks 1840 op het strand een houten vat hebben aangetroffen, afkomstig van een schip op weg naar een Engelse haven. Hij koestert het aanlokkelijke vermoeden dat het met sterke drank is gevuld. Pieter Sipkes wil het vat verstoppen in de duinen en ontdekt daar dat het niet met drank maar met harde, zure bessen is gevuld. Nijdig trapt hij vat stuk en de bessen rollen de duinpan in. Daar vinden ze precies de juiste voedingsbodem om zich voort te planten. Meestal zijn dit soort verhalen aantoonbaar onzin, maar in dit geval zou het best zo gegaan kunnen zijn.

Hoe dan ook, de Terschellingers hebben de bessen jarenlang links laten liggen. Terecht, de cranberry is helemaal niet lekker. Het is een wrang, wat bitter en weinig aromatisch besje. Zelfs de vogels wagen zich er niet aan. Nadat domineeszoon en botanicus Franciscus Holkema in 1868 het plantje als de Amerikaanse cranberry had geïdentificeerd, zagen de eilanders toch enige verdienste van het besje. Er zat handel in.

De cranberry's, deels in cultuur gebracht en deels in het wild geoogst, vonden hun weg naar de Engelse markt waar ze meer culinaire waardering ondervonden dan op Terschellling, in sauzen en als garnituur bij vlees en wild.

De cranberryteelt op Terschelling heeft meer dan een eeuw lang een wankele basis gehad. Nu eens waren het de luimen van zee en wind dan weer de natuurbeschermers die het voortbestaan van de cranberry bedreigden. Om maar niet te spreken van dure arbeidskrachten, wisselvallige oogsten of gebrek aan ondernemerszin waardoor de commerciële teelt verschillende malen aan een zijden draadje heeft gehangen.

Siroop

Tegenwoordig worden de cranberry's op het eiland zelf verwerkt tot sap, jam, siroop en een heel scala aan andere eetwaren, van bonbons en likeur tot kaas en mosterd. Niet de Engelsen maar de toeristen vormen nu de afzetmarkt. Op het vasteland zijn cranberryproducten vaak te vinden in natuurvoedingswinkels en delicatessenzaken. De verse cranberry's die meestal rond kerst in de supermarkt liggen komen van over de oceaan, zij het niet meer in houten vaten.

Op Terschelling is de cranberry succesvol voorwerp van toeristische exploitatie. Bakkers bakken cranberrycake, de souvenirwinkel verkoopt servies met cranberrymotief, lunchrooms serveren ijs met cranberrysiroop en restaurants hebben altijd wel een nagerecht met cranberry's. En de drogist verkoopt onder de naam Blaasbalans cranberrypillen, 'voor een gezond milieu in de blaas'.

De bes helpt bij het voorkomen van plasproblemen.

Hoe kan een veeleisend en wrang besje toch zo populair zijn? Dat is niet alleen te danken aan de bewezen en onbewezen aanspraken op een heilzame werking. De juiste kompanen brengen het beste in de cranberry boven. In goed samenspel komt het frisse zuur tot zijn recht, zoals bij het zoete en aromatische van honing of frambozen. Dan is de cranberry een ideale partner.