Darja heet niet graag Odarka

Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens behandelt steeds vaker klachten van inwoners uit ex-Sovjetrepublieken die door hun huidige overheid gedwongen worden hun Russische voor- en achternaam aan te passen aan de nationale taal en cultuur.

De gedwongen naamsveranderingen begonnen een aantal jaren geleden in Tadzjikistan. Hier is een wet aangenomen die bepaalt dat achternamen van Tadzjieken ‘bevrijd’ moesten worden van Russische ‘imperialistische’ uitgangen als -ov en -ova. President Rachmonov was de eerste die zijn naam ‘tadzjikificeerde’ – sindsdien gaat hij als Rachmonon door het leven. Het Tadzjiekse voorbeeld werd gevolgd door onder meer Azerbajdzjan, Letland en Oekraïne, zij het niet altijd door middel van een wet, maar ook onder ambtelijke druk.

Veel inwoners van de ex-Sovjetrepublieken voelen er niets voor de naam die ze al hun hele leven hebben te wijzigen. In Oekraïne willen de Darja’s en Aleksej’s niet ineens Odarka of Oleksi heten. In sommige regio’s hebben ouders hun kinderen uit protest fantasienamen gegeven als Tsaritsa (Keizerin), Kosmos of Madagaskar.

De eerste die naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens ging was de op toenmalig Wit-Russisch grondgebied geboren Dmitri Vladimirovitsj Boelgakov. Toen hij in 1997 – inmiddels lag zijn geboorteplaats in Oekraïne – een paspoort aanvroeg, bleken zijn voornaam en vadersnaam (Vladimirzoon) te zijn veranderd in het Oekraïense Dmitro Volodimirovitsj. Hij stapte naar de rechter met de klacht dat het recht op het dragen van zijn geboortenaam geschonden was en belandde uiteindelijk bij het Europese Hof . Dit stelde hem in het gelijk.

In Letland zorgt de gedwongen naamswijziging voor grote problemen. Veel ouderen krijgen bijvoorbeeld hun pensioen niet uitgekeerd, omdat in hun werkboekjes hun namen in het cyrillisch staan, terwijl ze bij de pensioenfondsen in het Latijnse alfabet en verletst zijn geregistreerd. De pensioenfondsen accepteren de cyrillische werkboekjes niet.