Schade kredietcrisis lijkt mee te vallen

Beleggers in aandelen lijken te denken dat de verliezen die werden veroorzaakt door de plotselinge verkrapping van de kredietmarkten van deze zomer beheersbaar zullen zijn. Hun optimisme is niet onredelijk.

De cijfers zijn nog steeds een beetje prematuur, maar als het patroon van deze week zich voortzet bij andere grote banken en beursmakelaars, zal het totaal aan verliezen als gevolg van de crisis op zo’n 30 miljard dollar (21,3 miljard euro) uitkomen. Dat bedrag omvat verliezen op de aandelenhandel en ontslagkosten, maar wellicht niet de twee probleemgebieden die verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de pijn: leningen en obligaties die samenhangen met bedrijfsovernames en risicovolle (subprime) hypotheken.

Het lijkt erop dat de verliezen op het waarborgen van bedrijfsovernames met geleend geld wel volledig verdisconteerd zijn. Te oordelen naar opmerkingen van de bankiers is ongeveer de helft van alle verliezen afkomstig van deze markt. Dit bedrag van 15 miljard dollar (10,6 miljard euro) vertegenwoordigt 5 procent van de 300 miljard dollar (213 miljard euro) aan met bedrijfsovernames samenhangende schulden die op de balans van de grote banken staan. Het verlies komt overeen met de huidige gemiddelde prijs van deze schuld.

De subprime-schade is een ander verhaal. De meeste schattingen van de totale verliezen op deze markt komen uit op zo’n 100 miljard dollar. Maar het duurt even voordat die verliezen boven water komen. De ergste schade van de slechte leningen uit 2006 wordt niet vóór 2008 verwacht.

De aandelenkoersen en huizenprijzen kunnen dalen voordat de verliezen zich feitelijk manifesteren, maar op het terrein van de door hypotheken gedekte effecten is dat proces traag en onvolledig geweest. Zelfs nadat het huidige rapportageseizoen zal zijn afgerond, zal het totale aantal bekendgemaakte verliezen – bij banken en beleggers – waarschijnlijk veel minder dan 25 miljard dollar bedragen.

De grote banken hoeven uiteraard niet het geheel, of zelfs maar het grootste deel, van de resterende 75 miljard dollar (53 miljard euro) aan verliezen te dragen. Het hele punt van de securitisatie was dat de banken deze risico’s van hun balans konden afvoeren. Maar zelfs als de banken de helft van het totaal voor hun rekening moeten nemen, zullen de verliezen hooguit leiden tot nog eens twee moeilijke kwartalen. Dat zou slecht zijn, maar zeker niet desastreus.

Wat we nu weten van de subprime-risico’s is dus niet al te beangstigend, maar de huidige schattingen van de schade gaan ervan uit dat de Verenigde Staten een recessie zullen weten te vermijden en dat de gemiddelde huizenprijzen met niet meer dan 5 tot 10 procent dalen. Als een van deze veronderstellingen te optimistisch blijkt, kunnen de verliezen van de banken veel hoger uitkomen.