Rappen in de kerk

De muzikale carrière van rapper Jay Colin (27) begon bij De Deur, een kerk van de Pinkstergemeente in Amsterdam Zuid-Oost. „We rapten op straat om mensen te bekeren.”

Jay Colin en vrienden Foto Rien Zilvold amsterdam rapper jay colin foto rien zilvold Zilvold, Rien

Spuug. Volgepoepte luiers. Winkelwagentjes. En zelfs een keer een wasmachine. Rapper Jay Colin (27) en zijn vrienden kijken allemaal automatisch omhoog als ze onder het flatgebouw Kikkenstein in Amsterdam Zuid-Oost door lopen. Want: „Je weet nooit wat er naar beneden komt.”

Een paar meter verderop staan de jongens stil bij het monument ter nagedachtenis van de vliegtuigramp in 1992, waarbij een vrachtvliegtuig van de Israëlische luchtvaartmaatschappij El Al neerstortte op de flats Groeneveen en Klein-Kruitberg en ten minste 43 mensen om het leven kwamen. Het was vlak na die ramp dat Jay Colin voor het eerst bij De Deur kwam, een plaatselijke kerk van de Pinkstergemeente. „Mijn moeder zat al een tijdje niet lekker in haar vel en dat vliegtuig had onze flat maar net gemist. Voor mijn gevoel heeft de vliegtuigramp ons naar de kerk gebracht.”

De kerk die de kraamkamer zou vormen voor Jay Colins muzikale carrière was gevestigd in een verbouwde garage. Dat vindt Jay Colin een treffende locatie. Want net zoals elke beschadigde auto een eigen verhaal heeft, beschrijft hij de kerk als een plek waar levende wrakken zich met hun problemen melden in de hoop weer opgelapt te worden.

Kerk De Deur had geen koor

dat plechtige psalmen zong, maar een opzwepende hiphopband. Zo nu en dan werd de kerkdienst abrupt afgebroken doordat er buiten werd geschoten en de politie de hele buurt afzette. Het was „geen saaie bedoening met houten banken”, maar een rommelig en swingend geheel waar de dertienjarige Colin zoveel mogelijk vrije tijd doorbracht. De muzikanten op het podium oefenden daarbij een grotere aantrekkingskracht op hem uit dan de preken van de voorganger.

Vandaag ontmoet Jay Colin voor het eerst in vele jaren de oudere jongens die hem leerden rappen en piano en basgitaar spelen, en met wie hij optrad in diverse Europese kerken. Ze zijn allemaal getrouwd en verhuisd naar Almere, en gaan niet meer naar de kerk. Het gebouw waar De Deur was gevestigd is inmiddels gesloopt. De vrienden wisselen oude bandfoto’s uit en lachen om kledingkeuzes, kapsels en brilmonturen.

Eén van hen is bassist Ravic (33), die vertelt dat hij de jonge Jay Colin in eerste instantie niet bij de band wilde hebben. „Ik was sceptisch. We waren in die tijd de muzikale motor van de kerk en werden ook regelmatig door andere kerken uitgenodigd. Dan moesten we eerst bij ons alles afbreken, ergens anders opbouwen, spelen, wéér afbreken en dan in onze eigen kerk alles klaarzetten voor de dienst van de volgende ochtend. Dat trekt een dertienjarige niet, dacht ik.” Zijn broer Werner (31, percussionist en pianist) vult aan: „En o wee als je na zo’n avond bij de ochtenddienst in slaap viel.”

Jay Colin veroverde op talent zijn plek binnen de band. Bij een jamsessie zette hij bij het refrein spontaan een tweede stem op, hij bleek een begenadigde toetsenist en wist het publiek te laten bewegen. Ravic: „Hij trok de mensen desnoods uit hun stoel omhoog.” De voorganger zag het met lede ogen aan. Jay Colin: „We hadden een populair reggaenummer dat we op een bepaald moment niet meer mochten spelen omdat iedereen er zó bij in zijn element was. Vrouwen die gezegend waren met een groot zitvlak, gingen er helemaal op los. Dan zei de voorganger tegen ons: dat met die billen kan echt niet jongens.”

De voorganger hamerde erop dat de muziek een middel was om het woord van God te verkondigen en niet een doel op zich. Hij wilde niet dat er gerapt werd op elektronische ritmes („dat vond hij geen muziek”) en gaf de vocalisten een standje wanneer ze de woorden naar zijn mening niet goed genoeg articuleerden.

De bandleden werden ook in weer en wind naar buiten gestuurd met een aggregaat om voor de Pinkstergemeente zieltjes te winnen. Jay Colin: „We rapten op straat om mensen te bekeren en elke dienst eindigde met een oproep zoveel mogelijk mensen het woord van God te laten horen.” Werner: “Maar het was niet alleen van die blije ‘Jesus loves you’-muziek. We hadden ook een stevig verhaal over abortus dat Murder In The Third Degree heette en waar mensen om moesten huilen. En een keihard nummer dat Pump The Devil In The Head heette.” Jay Colin: „Haha, dat was onze manier van opschepperig rappen.” Ravic: „Ik kom nog steeds mensen tegen die vertellen dat ze door onze rapgroep bij de kerk terecht zijn gekomen.”

De meeste mensen in de kerk dachten dat de charismatische Jay Colin zelf ook voorganger zou worden binnen de Pinkstergemeente, vertelt de 29-jarige drummer Marvin. „Hij stond op de voorgrond en was voor veel mensen een voorbeeld. Dan was dat toch een logische volgende stap.”

Maar op zijn 21ste stapte

Jay Colin uit de kerk. Ook de meeste andere bandleden hielden het voor gezien. Ze raakten in toenemende mate gefrustreerd door de rol die hun band binnen de kerk kreeg toebedeeld. Werner: „Er werd een rem gezet op de ontwikkeling van onze muziek. Er was weinig ruimte om te oefenen, want prediking was toch het belangrijkst.” Ravic: „We konden een optreden doen in popzaal Paradiso, maar dat heeft de voorganger ons verboden.” Werner: „Hij was bang dat we de muziek belangrijker zouden gaan vinden dan de kerk als we te veel van de buitenwereld zouden proeven.”

In het geval van Jay Colin was dat een juiste inschatting. De zonder vader opgegroeide rapper had in zijn bandleden vaderfiguren gevonden en in de kerk een bron van verhalen en muzikale indrukken die zijn karakter vormden. Maar het podiumleven smaakte hem goed en hij wilde meer. „Ik was een voorbeeldfiguur in de kerk maar muziek kwam er hooguit op de vijfde plaats. Dat wilde ik niet. Het zou hypocriet zijn geweest om daar te blijven terwijl ik droomde van iets anders.”

Van de weeromstuit begon de rapper nadat hij uit de kerk stapte teksten te schrijven waarin het scheldwoorden regende. Dat werkte even bevrijdend en begon daarna stierlijk te vervelen. „Je bent dan toch een van de velen. Ik heb veel mensenkennis opgedaan in de kerk en mensen met problemen zien worstelen. Ik heb naar duizenden preken geluisterd die er op gericht waren mensen te motiveren. Uiteindelijk is dat de basis geworden van mijn rapteksten.”

Op zijn ontspannen debuutalbum Truth & Soul rapt Jay Colin onder meer: „Yeah you know wisdom is love, bury your guns, go and give a brother a hug”. De zwoele soulsfeer van het album, met veel gezongen refreinen, warme bassen en droge drums, is aanstekelijk positief. Wanneer de rapper kijkt naar de wijk waarin hij opgroeide, kiest hij er voor niet het beton te benadrukken maar juist te wijzen op de opbloeiende bloemen. Hij zwakt het criminele beeld van de Bijlmer af en ziet het stadsdeel als lichtend voorbeeld van hoe tientallen culturen met elkaar samen kunnen leven. Hij is positief maar niet prekerig; daarvan heeft hij zijn portie wel gehad. En er mag vooral met de billen geschud worden, laat de rapper op zijn album voortdurend weten.

Colin vloekt nog wel, soms, zoals op My Shine waarin hij fuckers zonder motherfuckin’ hersenpan waarschuwt dat ze niet met hem moeten fucken. Daar staat een serieuze rapper tegenover die met verwijzingen naar God en de Bijbel waarschuwt voor de gevaren van de klimaatverandering. In het intieme Soul prijst hij zijn alleenstaande moeder die, met hulp van hogerhand, hem en zijn broertje wist op te voeden. Marvin: „Jay maakt nog steeds muziek met een boodschap.”

Zijn oude bandleden zijn trots op hun vroe gere protégé die in het voorprogramma stond van grote Amerikaanse hiphopacts als Busta Rhymes en KRS-One en nummers opnam met de Amerikaanse rapgroep Slum Village en soulzanger George McCrae, die in de jaren 70 een internationale hit had met Rock Your Baby. Jay Colin komt regelmatig mensen tegen die hem vragen of hij spijt heeft van zijn tijd bij de Pinkstergemeente. Hoewel hij de kerk uiteindelijk als beklemmend ervoer, ziet de rapper zijn jaren als bandlid bij De Deur als „de beste” van zijn leven. „Ik kon elke dag volop mijn gang gaan met muziek. Ik reisde naar andere landen, was altijd met de boys op pad en leerde hoe ik positieve energie kan overdragen op andere mensen. Het was verreweg de beste leerschool die een rapper zich kan wensen.”

Cd: ‘Truth & soul’ van Jay Colin.Concerten: 6/10, voorprogramma van Rose, Melkweg, Amsterdam; 13/10, P3, Purmerend; 20/10, festival Meet The Streets, Rotterdam. Info: www.jaycolin.com