Ontwikkelingseconomie

William Easterly, auteur van The White Man`s Burden, presenteert zich in een in Boeken (21.09.07) geciteerd interview niet alleen als een expert op het terrein van ontwikkelingshulp, maar ook op dat van humanitaire interventies. Het verband tussen deze twee legt hij als volgt: `Humanitaire interventie is de schadelijkste en hoogmoedigste vorm van ontwikkelingshulp. Vrijwel alle interventies van het afgelopen decennium zijn rampzalig verlopen.”

Om te beginnen weet Easterly kennelijk niet waar hij over praat, want de uitkomsten van de interventies in Kosovo (1999) en Somalië (1992-95) gelden allerminst als `rampzalig`. Maar om ontwikkelingshulp op deze wijze te vergelijken met humanitaire interventies is onzinnig. Humanitaire interventies betreffen altijd gewapend ingrijpen in een staat die daar geen toestemming voor geeft. Ontwikkelingshulp daarentegen gaat nooit gepaard met het ingrijpen van militairen en vergt altijd toestemming van de desbetreffende staat.

Maar ook Easterly`s categorische, negatieve beoordeling van 50 jaar ontwikkelingshulp vertoont een blinde vlek. Easterly baseert zijn kritiek op de macro-economische groeicijfers van ontwikkelingslanden. Maar hulp hoeft natuurlijk niet altijd zichtbaar te zijn in macro-economische statistieken. Medische hulpprogramma`s bijvoorbeeld kunnen voor de mensen die hulp ontvangen het verschil uitmaken tussen leven en dood. In dat verband stellen dat hulp nooit helpt, is absurd.