De Bazel gerehabiliteerd

M. Hageman & Laetitia Smit: De Bazel. Tempel aan de Vijzelstraat in Amsterdam. THOTH/Stadsarchief Amsterdam, 192 blz. € 39,90

Alleen heel bekende, beeldbepalende gebouwen worden naar hun architect genoemd. Amsterdam heeft er twee: de Beurs van Berlage en De Bazel, het voormalige hoofdkantoor van de Nederlandsche Handel-Maatschappij. Over de Beurs van Berlage zijn al eerder enkele boeken verschenen. Onlangs kreeg ook het andere architectengebouw een monografie. De Bazel heet het natuurlijk, met als onderschrift Tempel aan de Vijzelstraat in Amsterdam. De aanleiding voor het boek is de recente verhuizing van het Amsterdamse Stadsarchief naar het voor 60 miljoen euro gerestaureerde en verbouwde voormalige bankgebouw.

De Bazel is – op het afschuwelijke omslag na – een voorbeeldig architectuurboek geworden. Architectuurmonografieën bestaan vaak uit lange beschrijvingen en opsommingen, zeker als ze door één auteur zijn geschreven. De Bazel heeft hier geen last van, doordat aan acht verschillende auteurs is gevraagd om, ieder vanuit hun specialisme, een aspect van het gebouw en zijn architect, K.P.C. de Bazel voor hun rekening te nemen. Dit leverde even zo vele sprankelende artikelen op die samen met de 90 oude en nieuwe foto’s en afbeeldingen in het tweede deel van het boek een schitterend beeld van De Bazel geven.

Het fotodeel, dat meer dan de helft van het boek omvat, is een soort beeldverhaal dat in chronologische volgorde de wording en het leven van het gebouw De Bazel laat zien. De geschiedenis van De Bazel begint met foto’s en tekeningen van de oude Vijzelstraat. Hierop volgen de ontwerptekeningen van De Bazel en portretten van hemzelf en A.D.N. van Gendt, de architect die verantwoordelijk was voor de betonconstructie van het het gebouw. Een van de foto’s, uit 1920- 1923, laat het gebouw in steigers zien, een indrukwekkende wirwar van beton en hout. Vervolgens wordt een beeld gegeven van het gebruik van het gebouw door onder anderen Prins Bernhard, die stage liep bij de Nederlandsche Handel-Maatschappij, en van de veranderingen die het in de loop van de tijd onderging. Ten slotte laat het beeldverhaal zien hoe De Bazel door Claus en Kaan, de architecten van de verbouwing, weer werd opengebroken.

De foto’s zijn een mooie aanvulling op de ook rijk geïllustreerde artikelen van onder andere de emeritus hoogleraar architectuurgeschiedenis Manfred Bock. Bock leverde een licht polemische bijdrage over de plaats van De Bazel in de Nederlandse architectuur. Tijdens zijn leven was De Bazel, samen met Berlage, de beroemdste Nederlandse architect. Maar na zijn dood in 1923, drie jaar voor de voltooiing van zijn magnum opus aan de Vijzelstraat, was het plotseling afgelopen met zijn roem en kreeg hij een ondergeschikte plaats in de Nederlandse architectuurgeschiedenis toebedeeld. Dit komt volgens Bock doordat 20ste-eeuwse architectuurhistorici eenzijdig zijn gericht op vernieuwingen en zich met het traditionalisme van De Bazel geen raad wisten. ‘Het wordt tijd zijn unieke oeuvre met andere, door het hedendaagse traditionalisme getrainde ogen te bezien’, zo besluit hij zijn artikel.

Marty Bax laat zien dat De Bazel behalve traditionalist ook een theosoof was die het gebouw van de Nederlandsche Handel- Maatschappij voorzag van allerlei theosofische en oosterse ornamenten en verwijzingen. Jan Molema analyseert de ontwerpmethode van De Bazel, Jaap-Jan Bodron gaat na welke plaats De Bazel inneemt in de ontwikkeling van het bankgebouw in Nederland en Karianne Vozza-Vandenbroucke bespreekt de restauratie van De Bazel.

De enige auteur die wezenlijke kritiek op De Bazel heeft, is Vincent van Rossem. Hij betreurt de verbreding en vernieuwing van de Vijzelstraat waarvan de bouw van De Bazel onderdeel was. De doorbraak van de straat, die eens zo smal was als de Utrechtsestraat, kwam voort uit de gedachte dat het autoverkeer de ruimte moest krijgen. Maar achteraf gaat het hier om een vergissing, zo stelt de Amsterdamse architectuurhistoricus Van Rossem vast. ‘Wie nu de moeite neemt de gedempte grachten en de doorbraken in ogenschouw te nemen, komt tot de merkwaardige conclusie dat er nauwelijks verkeer is in de binnenstad’, zo is zijn verrassende slotsom.

Rectificatie / Gerectificeerd

In de recensie van De Bazel . Tempel aan de Vijzelgracht (Boeken, 05.10.07) stonden de namen van de samenstellers verkeerd. Het zijn: Mariëlle Hageman, Stefanie van Oldenhove en Ludger Smit.